hé, werk jij vandaag?
Diego arrives at the café ready for his Saturday shift — only to find Sofía already behind the counter. What she did next changes everything between them.
hé, werk jij vandaag?
😊
ja 😊 ik ben in het café
wat? vandaag is MIJN dienst
nee... de dienst is van mij vandaag
sofía nee. ik heb de dienst van 8 tot 4
ik sta hier voor de deur van het café

kijk. mijn naam staat hier
dat is niet mogelijk
de zaterdag is belangrijk. er zijn veel klanten
😤
er zijn veel fooien op zaterdagen 😤
ik weet het... het spijt me
wacht
heb je met de baas gesproken?
...
ja
😡
we zijn vrienden. waarom?
diego... ik heb het geld nodig. mijn moeder is ziek en... ik heb geen geld voor de dokter. de zaterdagdienst heeft veel fooien. ik weet het, het is fout. het spijt me heel erg.
is je moeder ziek?
ja. ze ligt in het ziekenhuis
het spijt me sofía
maar... je moet eerst met mij praten
ik ben je vriend
je hebt gelijk. het spijt me
Diego stond een paar minuten buiten het café. Daarna liep hij door de deur naar binnen.
Diego: sofía. ik praat even met je. Sofía: diego, je bent hier. Diego: ja. luister. ik werk vandaag met je, oké? Sofía: wat? Diego: ik praat met de baas. ik werk met je. de fooien zijn voor jou. Sofía: diego... dat is heel erg lief. bedankt. Diego: maar de volgende keer praat je eerst met mij. Sofía: ja. dat beloof ik.
Ze werkten de hele dag samen. Die avond, nadat het café gesloten was, stuurde Sofía een laatste bericht.
vandaag heb je 47 euro aan fooien
sofía, nee
de dienst is van jou. het geld is van jou
oké...
hoe is het met je moeder?
🙂
het gaat beter, bedankt 🙂
diego... jij bent een goede vriend. ik... ik ben geen goede vriendin vandaag. het spijt me. echt waar.
morgen praat je met me, ja?
🤍
ja. dat beloof ik 🤍
Ontgrendel XP, woordkaarten, de hoofdverhaallijn en gespreide herhaling terwijl je leest.