
engañar in de Toekomende tijd – vervoeging
engañar — bedriegen
De futurum van engañar is regelmatig: engañaré, engañarás, engañará, engañaremos, engañaréis, engañarán.
engañar in de Toekomende tijd – vormen
Wanneer de Toekomende tijd gebruiken
Gebruik de futurum om te voorspellen dat iemand bedrogen zal worden of om een waarschijnlijkheid uit te drukken over een huidige bedriegerij (bijv. 'Hij bedriegt haar waarschijnlijk').
Opmerkingen over engañar in de Toekomende tijd
Dit werkwoord is regelmatig. De uitgangen worden direct toegevoegd aan de volledige infinitief 'engañar'.
Voorbeeldzinnen
Esa oferta engañará a mucha gente.
Dat aanbod zal veel mensen bedriegen.
él/ella/usted
No te engañaré, la situación es difícil.
Ik zal je niet bedriegen, de situatie is moeilijk.
yo
¿Crees que nos engañarán otra vez?
Denk je dat ze ons weer zullen bedriegen?
ellos/ellas/ustedes
Veelgemaakte fouten
Fout: De -ar verwijderen voordat de uitgangen worden toegevoegd: engañeré.
Correct: engañaré
Waarom: In de futurum moet je de volledige infinitief (engañar) behouden voordat je de uitgangen toevoegt.
Beheers Spaanse werkwoorden in context
Tabellen uit je hoofd leren brengt je maar zo ver. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie werkwoorden zoals 'engañar' natuurlijk gebruikt — in de tijden die je aan het leren bent.
Verwante tijden
Tegenwoordige tijd
yo: engaño
De tegenwoordige tijd van engañar is regelmatig: engaño, engañas, engaña, engañamos, engañáis, engañan.
Pretérito indefinido
yo: engañé
De preteritum van engañar is regelmatig: engañé, engañaste, engañó, engañamos, engañasteis, engañaron.
Imperfectum
yo: engañaba
De imperfectum van engañar is regelmatig: engañaba, engañabas, engañaba, engañábamos, engañabais, engañaban.
Voorwaardelijke wijs
yo: engañaría
De conditioneel van engañar is regelmatig: engañaría, engañarías, engañaría, engañaríamos, engañaríais, engañarían.
Aanvoegende wijs tegenwoordige tijd
yo: engañe
De tegenwoordige tijd subjunctief van engañar is regelmatig: engañe, engañes, engañe, engañemos, engañéis, engañen.
Aanvoegende wijs imperfectum
yo: engañara
De imperfectum subjunctief van engañar is regelmatig: engañara, engañaras, engañara, engañáramos, engañarais, engañaran.
Bevestigende gebiedende wijs
yo: engaña
De affirmatieve imperatief van engañar is regelmatig: engaña (tú), engañe (usted), engañemos (nosotros), engañad (vosotros), engañen (ustedes).
Ontkennende gebiedende wijs
yo: no engañes
De negatieve imperatief van engañar gebruikt de tegenwoordige tijd subjunctief: no engañes, no engañe, no engañemos, no engañéis, no engañen.