Inklingo
Ontdekken:

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

Indicative

Present

yovoy
vas
él/ella/ustedva
nosotrosvamos
vosotrosvais
ellos/ellas/ustedesvan

Future

yoiré
irás
él/ella/ustedirá
nosotrosiremos
vosotrosiréis
ellos/ellas/ustedesirán

Imperfect

yoiba
ibas
él/ella/ustediba
nosotrosíbamos
vosotrosibais
ellos/ellas/ustedesiban

Conditional

yoiría
irías
él/ella/ustediría
nosotrosiríamos
vosotrosiríais
ellos/ellas/ustedesirían

Preterite

yofui
fuiste
él/ella/ustedfue
nosotrosfuimos
vosotrosfuisteis
ellos/ellas/ustedesfueron

Imperative

Negative Imperative

no vayas
ustedno vaya
nosotrosno vayamos
vosotrosno vayáis
ustedesno vayan

Imperative

ve
ustedvaya
nosotrosvayamos
vosotrosid
ustedesvayan

Subjunctive

Present Subjunctive

yovaya
vayas
él/ella/ustedvaya
nosotrosvayamos
vosotrosvayáis
ellos/ellas/ustedesvayan

Imperfect Subjunctive

yofuera
fueras
él/ella/ustedfuera
nosotrosfuéramos
vosotrosfuerais
ellos/ellas/ustedesfueran

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Breng ir (to go) van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'ir (to go)' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.

Veelgestelde Vragen

Is ir (to go) een regelmatig of onregelmatig werkwoord?

ir (to go) is een highly irregular -ir werkwoord in het Spaans.

Hoe vervoeg je ir (to go) in de tegenwoordige tijd?

De tegenwoordige tijd van ir (to go) is: yo voy, tú vas, él/ella/usted va, nosotros vamos, vosotros vais, ellos/ellas/ustedes van.

Hoe vervoeg je ir (to go) in de verleden tijd (preteritum)?

De verleden tijd van ir (to go) is: yo fui, tú fuiste, él/ella/usted fue, nosotros fuimos, vosotros fuisteis, ellos/ellas/ustedes fueron.

Gratis afdrukbare referentie

ir (to go) vervoegingsspiekbrief

ir (to go) vervoegingsspiekbriefje — tegenwoordige tijd, verleden tijd, onvoltooid verleden tijd, toekomende tijd en voorwaardelijke wijs