
notar in de Tegenwoordige tijd – vervoeging
notar — opmerken
De tegenwoordige tijd van notar is regelmatig: noto, notas, nota, notamos, notáis, notan.
notar in de Tegenwoordige tijd – vormen
Wanneer de Tegenwoordige tijd gebruiken
Gebruik de tegenwoordige tijd om te praten over dingen die je op dit moment opmerkt of dingen die je over het algemeen opmerkt aan mensen of situaties.
Opmerkingen over notar in de Tegenwoordige tijd
Notar is een regelmatig -ar werkwoord in de tegenwoordige tijd.
Voorbeeldzinnen
No noto ninguna diferencia entre estos dos colores.
Ik merk geen verschil tussen deze twee kleuren.
yo
Él nota cuando estoy preocupada.
Hij merkt wanneer ik me zorgen maak.
él/ella/usted
Ustedes notan el cansancio después de trabajar.
Jullie merken de vermoeidheid na het werk op.
ellos/ellas/ustedes
Veelgemaakte fouten
Fout: 'Notar' (opmerken) verwarren met 'anotar' (opschrijven).
Correct: Gebruik 'noto' voor waarnemen en 'anoto' voor opschrijven.
Waarom: Dit zijn verschillende werkwoorden met verschillende betekenissen, ondanks dat ze er vergelijkbaar uitzien.
Beheers Spaanse werkwoorden in context
Tabellen uit je hoofd leren brengt je maar zo ver. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie werkwoorden zoals 'notar' natuurlijk gebruikt — in de tijden die je aan het leren bent.
Verwante tijden
Pretérito indefinido
yo: noté
De preterito van notar is regelmatig: noté, notaste, notó, notamos, notasteis, notaron.
Imperfectum
yo: notaba
De imperfecto van notar is regelmatig: notaba, notabas, notaba, notábamos, notabais, notaban.
Toekomende tijd
yo: notaré
De futuro van notar is regelmatig: notaré, notarás, notará, notaremos, notaréis, notarán.
Voorwaardelijke wijs
yo: notaría
De conditional van notar is regelmatig: notaría, notarías, notaría, notaríamos, notaríais, notarían.
Aanvoegende wijs tegenwoordige tijd
yo: note
De presente subjuntivo van notar is regelmatig: note, notes, note, notemos, notéis, noten.
Aanvoegende wijs imperfectum
yo: notara
De imperfecto subjuntivo van notar is regelmatig: notara, notaras, notara, notáramos, notarais, notaran.
Bevestigende gebiedende wijs
yo: nota
De affirmatieve imperativo van notar is: nota (tú), note (usted), notemos (nosotros), notad (vosotros), noten (ustedes).
Ontkennende gebiedende wijs
yo: no notes
De negatieve imperativo van notar gebruikt de presente subjuntivo: no notes, no note, no notemos, no notéis, no noten.