Inklingo

Hoe zeg je "zal gaan" in het Spaans

Het Spaanse woord voorzal gaanis iráA1 niveau. Dit is een veelgebruikt woord in het dagelijks Spaans.

Dutch → SpaansA1

irá

verbA1
fysieke verplaatsing naar een bestemming
Een klein figuurtje dat gestaag langs een kronkelig zandpad loopt naar een felgekleurd rood huis in de verte onder een blauwe lucht.

Voorbeelden

Mi hermano irá a la universidad el próximo año.

Mijn broer zal volgend jaar naar de universiteit gaan.

¿A qué hora irá usted al aeropuerto?

Hoe laat gaat u (formeel) naar het vliegveld?

Ese paquete irá por correo urgente.

Dat pakket zal per expressepost gaan.

Basis van de Toekomende Tijd

De vorm 'irá' geeft aan dat een enkelvoudig onderwerp (hij, zij, of u) zeker een handeling op een later tijdstip zal uitvoeren. Dit komt overeen met de Nederlandse toekomende tijd (zal + infinitief).

Impliciet Onderwerp

In het Spaans wordt het onderwerp (él, ella, usted) vaak weggelaten omdat 'irá' duidelijk aangeeft wie de handeling verricht. In het Nederlands gebruiken we meestal wel een onderwerp ('Hij zal gaan').

Leer Spaans met Inklingo

Interactieve verhalen, gepersonaliseerd leren en meer.