acomodarVervoeging
acomodar means rangschikken.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
Gebruik acomodara of acomodase voor hypothetische situaties in het verleden, wensen of twijfels.
Present Subjunctive
Gebruik acomode, acomodes, acomodemos, acomoden, acomodéis na wensen, twijfels of emoties.
Imperative
Negative Imperative
Gebruik no acomodes, no acomode, no acomodemos, no acomoden, no acomodéis voor negatieve bevelen.
Imperative
Gebruik acomoda, acomode, acomodemos, acomoden, acomodad voor directe bevelen met acomodar.
Indicative
Conditional
De conditionele vorm van acomodar is regelmatig: acomodaría, acomodarías, acomodaría, acomodaríamos, acomodaríais, acomodarían.
Preterite
De voltooid verleden tijd van acomodar is regelmatig: acomodé, acomodaste, acomodó, acomodamos, acomodasteis, acomodaron.
Imperfect
De onvoltooid verleden tijd van acomodar is regelmatig: acomodaba, acomodabas, acomodaba, acomodábamos, acomodabais, acomodaban.
Present
De tegenwoordige tijd van acomodar is regelmatig: acomodo, acomodas, acomoda, acomodamos, acomodáis, acomodan.
Future
De toekomende tijd van acomodar is regelmatig: acomodaré, acomodarás, acomodará, acomodaremos, acomodaréis, acomodarán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng acomodar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'acomodar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent acomodar in het Spaans?
acomodar betekent "rangschikken".
Is acomodar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
acomodar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je acomodar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van acomodar is: yo acomodo, tú acomodas, él/ella/usted acomoda, nosotros acomodamos, vosotros acomodáis, ellos/ellas/ustedes acomodan.
Hoe vervoeg je acomodar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van acomodar is: yo acomodé, tú acomodaste, él/ella/usted acomodó, nosotros acomodamos, vosotros acomodasteis, ellos/ellas/ustedes acomodaron.
