Inklingo
Een scène waarin een klein persoon blij door een open, uitnodigende poort loopt, aangemoedigd door een vriendelijke bewaker.

admitir

toelaten

Volledige vervoegingstabellen en interactieve oefeningen. Dit is een regular -ir werkwoord.

Het Spaanse werkwoord admitir betekent toelaten.

Tegenwoordige tijd:

yoadmito
admites
él/ella/ustedadmite
nosotrosadmitimos
vosotrosadmitís
ellos/ellas/ustedesadmiten

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

🔄 Vervoegingen

indicative

present

él/ella/ustedadmite
yoadmito
admites
ellos/ellas/ustedesadmiten
nosotrosadmitimos
vosotrosadmitís

De tegenwoordige tijd van admitir is regelmatig: admito, admites, admite, admitimos, admitís, admiten.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

future

él/ella/ustedadmitirá
yoadmitiré
admitirás
ellos/ellas/ustedesadmitirán
nosotrosadmitiremos
vosotrosadmitiréis

De toekomende tijd van admitir voegt uitgangen toe aan het hele werkwoord: admitiré, admitirás, admitirá, admitiremos, admitiréis, admitirán.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperfect

él/ella/ustedadmitía
yoadmitía
admitías
ellos/ellas/ustedesadmitían
nosotrosadmitíamos
vosotrosadmitíais

De onvoltooide verleden tijd van admitir gebruikt regelmatige -ía uitgangen: admitía, admitías, admitía, admitíamos, admitíais, admitían.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

conditional

él/ella/ustedadmitiría
yoadmitiría
admitirías
ellos/ellas/ustedesadmitirían
nosotrosadmitiríamos
vosotrosadmitiríais

De conditionele vorm van admitir wordt gevormd door -ía uitgangen toe te voegen aan het hele werkwoord: admitiría, admitirías, admitiría, admitiríamos, admitiríais, admitirían.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

preterite

él/ella/ustedadmitió
yoadmití
admitiste
ellos/ellas/ustedesadmitieron
nosotrosadmitimos
vosotrosadmitisteis

Admitir is regelmatig in de verleden tijd: admití, admitiste, admitió, admitimos, admitisteis, admitieron.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperative

negative

ustedesno admitan
nosotrosno admitamos
no admitas
ustedno admita
vosotrosno admitáis

Het ontkennende gebiedende wijs van admitir gebruikt conjunctief vormen: no admitas, no admita, no admitamos, no admitáis, no admitan.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

affirmative

ustedesadmitan
nosotrosadmitamos
admite
ustedadmita
vosotrosadmitid

Het gebiedende wijs van admitir geeft commando's: 'admit' (jij), 'admita' (u), 'admitamos' (wij), 'admitid' (jullie), 'admitan' (zij/u allen).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

subjunctive

present

él/ella/ustedadmita
yoadmita
admitas
ellos/ellas/ustedesadmitan
nosotrosadmitamos
vosotrosadmitáis

De tegenwoordige conjunctief van admitir gebruikt -a uitgangen: admita, admitas, admita, admitamos, admitáis, admitan.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperfect

él/ella/ustedadmitiera
yoadmitiera
admitieras
ellos/ellas/ustedesadmitieran
nosotrosadmitiéramos
vosotrosadmitierais

De verleden conjunctief van admitir is regelmatig: admitiera, admitieras, admitiera, admitiéramos, admitierais, admitieran.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Oefeningen laden...

Breng admitir van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'admitir' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.