aguardarVervoeging
aguardar means wachten op.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De imperfecte conjunctief ('aguardara'/'aguardase') drukt hypothetisch of onzeker wachten in het verleden uit.
Present Subjunctive
De tegenwoordige conjunctief ('aguarde', 'aguardes') wordt gebruikt voor wensen, twijfels en emoties over wachten.
Imperative
Negative Imperative
Gebruik 'no aguardes' (jij) en 'no aguarden' (jullie/u) voor negatieve bevelen om niet te wachten.
Imperative
Gebruik 'aguarda' (jij) en 'aguarden' (jullie/u) voor directe bevelen om te wachten.
Indicative
Conditional
De conditionele tijd 'aguardaría' drukt hypothetisch wachten of beleefde verzoeken uit.
Preterite
De pretérito indefinido van 'aguardar' is regelmatig: aguardé, aguardaste, aguardó, aguardamos, aguardasteis, aguardaron.
Imperfect
De imperfecto 'aguardaba' beschrijft voortdurend of gebruikelijk wachten in het verleden.
Present
De tegenwoordige tijd 'aguardo', 'aguardas', 'aguarda' beschrijft huidig of gebruikelijk wachten.
Future
De toekomende tijd 'aguardaré', 'aguardarás' geeft toekomstig wachten of waarschijnlijkheid aan.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng aguardar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'aguardar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent aguardar in het Spaans?
aguardar betekent "wachten op".
Is aguardar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
aguardar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je aguardar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van aguardar is: yo aguardo, tú aguardas, él/ella/usted aguarda, nosotros aguardamos, vosotros aguardáis, ellos/ellas/ustedes aguardan.
Hoe vervoeg je aguardar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van aguardar is: yo aguardé, tú aguardaste, él/ella/usted aguardó, nosotros aguardamos, vosotros aguardasteis, ellos/ellas/ustedes aguardaron.
