ampliarVervoeging
ampliar means vergroten.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De verleden tijd van de conjunctief van 'ampliar' is regelmatig: ampliara, ampliaras, ampliara, ampliáramos, ampliarais, ampliaran.
Present Subjunctive
De tegenwoordige tijd van de conjunctief van 'ampliar' vereist een accent op de 'í' in de meeste vormen: amplíe, amplíes, amplíe, amplíen.
Imperative
Negative Imperative
De ontkennende gebiedende wijs gebruikt de vormen van de tegenwoordige tijd van de conjunctief: no amplíes, no amplíe, no ampliemos, no amplíen.
Imperative
De gebiedende wijs gebruikt 'amplía' (tú) en 'amplíe' (usted) om directe bevelen te geven om iets te vergroten of uit te breiden.
Indicative
Conditional
De voorwaardelijke wijs van 'ampliar' is regelmatig: ampliaría, ampliarías, ampliaría, ampliaríamos, ampliaríais, ampliarían.
Preterite
De verleden tijd van 'ampliar' is regelmatig: amplié, ampliaste, amplió, ampliamos, ampliasteis, ampliaron.
Imperfect
De onvoltooid verleden tijd van 'ampliar' is regelmatig: ampliaba, ampliabas, ampliaba, ampliábamos, ampliabais, ampliaban.
Present
De tegenwoordige tijd van 'ampliar' heeft een accent op de 'í' in alle vormen behalve nosotros en vosotros: amplío, amplías, amplía, amplían.
Future
De toekomende tijd van 'ampliar' is regelmatig: ampliaré, ampliarás, ampliará, ampliaremos, ampliaréis, ampliarán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng ampliar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'ampliar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent ampliar in het Spaans?
ampliar betekent "vergroten".
Is ampliar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
ampliar is een regular with accent change -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je ampliar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van ampliar is: yo amplío, tú amplías, él/ella/usted amplía, nosotros ampliamos, vosotros ampliáis, ellos/ellas/ustedes amplían.
Hoe vervoeg je ampliar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van ampliar is: yo amplié, tú ampliaste, él/ella/usted amplió, nosotros ampliamos, vosotros ampliasteis, ellos/ellas/ustedes ampliaron.
