autorizarVervoeging
autorizar means autoriseren.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De verleden tijd van de aanvoegende wijs is regelmatig: autorizara, autorizaras, autorizara, autorizáramos, autorizarais, autorizaran.
Present Subjunctive
De tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs van autorizar kent een Z-naar-C spellingverandering: autorice, autorices, autorice, autoricemos, autoricéis, autoricen.
Imperative
Negative Imperative
De ontkennende gebiedende wijs gebruikt altijd de 'c'-spelling: no autorices, no autorice, no autoricemos, no autoricéis, no autoricen.
Imperative
De gebiedende wijs gebruikt 'autoriza' (tú) en 'autorice' (usted) voor directe bevelen.
Indicative
Conditional
De voorwaardelijke wijs is regelmatig: autorizaría, autorizarías, autorizaría, autorizaríamos, autorizaríais, autorizarían.
Preterite
De voltooid verleden tijd is regelmatig, behalve de spellingverandering in de 'yo'-vorm: autoricé, autorizaste, autorizó, autorizamos, autorizasteis, autorizaron.
Imperfect
De onvoltooid verleden tijd is regelmatig: autorizaba, autorizabas, autorizaba, autorizábamos, autorizabais, autorizaban.
Present
De tegenwoordige tijd is volledig regelmatig: autorizo, autorizas, autoriza, autorizamos, autorizáis, autorizan.
Future
De toekomende tijd is regelmatig: autorizaré, autorizarás, autorizará, autorizaremos, autorizaréis, autorizarán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng autorizar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'autorizar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent autorizar in het Spaans?
autorizar betekent "autoriseren".
Is autorizar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
autorizar is een regular with spelling change -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je autorizar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van autorizar is: yo autorizo, tú autorizas, él/ella/usted autoriza, nosotros autorizamos, vosotros autorizáis, ellos/ellas/ustedes autorizan.
Hoe vervoeg je autorizar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van autorizar is: yo autoricé, tú autorizaste, él/ella/usted autorizó, nosotros autorizamos, vosotros autorizasteis, ellos/ellas/ustedes autorizaron.
