clausurarVervoeging
clausurar means sluiten.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De imperfecte aanvoegende wijs (bijv. 'clausurara', 'clausuraras') wordt gebruikt voor hypothetische situaties in het verleden, wensen of beleefde verzoeken.
Present Subjunctive
De tegenwoordige aanvoegende wijs (bijv. 'clausure', 'clausures') drukt wensen, twijfels, emoties of onzekerheid uit.
Imperative
Negative Imperative
Negatieve bevelen gebruiken 'no' plus de tegenwoordige aanvoegende wijs, zoals 'no clausures' (jij) of 'no clausuren' (jullie/u).
Imperative
Gebruik imperatiefvormen zoals 'clausura' (jij) en 'clausuren' (jullie/u) voor directe bevelen.
Indicative
Conditional
De conditionele vorm 'clausuraría', 'clausurarías' is voor hypothetische situaties ('zou sluiten') of beleefde verzoeken.
Preterite
Gebruik de preteritum 'clausuré', 'clausuraste', 'clausuró', etc., voor voltooide acties van het sluiten.
Imperfect
De imperfectum 'clausuraba', 'clausurabas', etc., beschrijft lopende of gebruikelijke acties in het verleden van het sluiten.
Present
Gebruik de tegenwoordige tijd 'clausuro', 'clausuras', 'clausura' voor acties die nu plaatsvinden of algemene waarheden over het sluiten.
Future
De toekomende tijd 'clausuraré', 'clausurarás', etc., geeft acties aan die zullen plaatsvinden.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng clausurar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'clausurar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent clausurar in het Spaans?
clausurar betekent "sluiten".
Is clausurar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
clausurar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je clausurar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van clausurar is: yo clausuro, tú clausuras, él/ella/usted clausura, nosotros clausuramos, vosotros clausuráis, ellos/ellas/ustedes clausuran.
Hoe vervoeg je clausurar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van clausurar is: yo clausuré, tú clausuraste, él/ella/usted clausuró, nosotros clausuramos, vosotros clausurasteis, ellos/ellas/ustedes clausuraron.
