convertirVervoeging
convertir betekent omzetten.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Indicative
Present
De tegenwoordige tijd van 'convertir' heeft een klinkerwisseling e > ie in alle vormen behalve 'nosotros' en 'vosotros'.
Future
De toekomende tijd van 'convertir' is volledig regelmatig: 'convertiré', 'convertirás', 'convertirá', etc.
Imperfect
De imperfecto van 'convertir' is regelmatig: 'convertía', 'convertías', 'convertía', 'convertíamos', 'convertíais', 'convertían'.
Conditional
De conditionalis van 'convertir' is regelmatig en gebruikt de volledige infinitief als basis: 'convertiría', 'convertirías', etc.
Preterite
In de preterito heeft 'convertir' een klinkerwisseling (e > i) alleen in de derde persoon: 'convirtió' en 'convirtieron'.
Imperative
Negative Imperative
De negatieve imperativo gebruikt de vormen van de conjunctivo tegenwoordige tijd: 'no conviertas', 'no convierta', 'no convirtamos'.
Imperative
De imperativo gebruikt 'convierte' voor informele bevelen en 'convierta'/'convirtamos' voor formele of groepsbevelen.
Subjunctive
Present Subjunctive
De conjunctivo tegenwoordige tijd gebruikt de stam 'conviert-' voor de meeste vormen, maar 'convirt-' voor 'nosotros' en 'vosotros'.
Imperfect Subjunctive
De conjunctivo imperfecto is gebaseerd op de stam van de derde persoon preterito 'convirt-': 'convirtiera', 'convirtieras', etc.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng convertir van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'convertir' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent convertir in het Spaans?
convertir betekent "omzetten".
Is convertir een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
convertir is een irregular (stem-changing e > ie, e > i) -ir werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je convertir in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van convertir is: yo convierto, tú conviertes, él/ella/usted convierte, nosotros convertimos, vosotros convertís, ellos/ellas/ustedes convierten.
Hoe vervoeg je convertir in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van convertir is: yo convertí, tú convertiste, él/ella/usted convirtió, nosotros convertimos, vosotros convertisteis, ellos/ellas/ustedes convirtieron.
