Inklingo
Een hand die een zilveren naald met blauw garen vasthoudt en twee stukken kleurrijke stof aan elkaar naait.

coser

naaien

Volledige vervoegingstabellen en interactieve oefeningen. Dit is een regular -er werkwoord.

Het Spaanse werkwoord coser betekent naaien.

Tegenwoordige tijd:

yocoso
coses
él/ella/ustedcose
nosotroscosemos
vosotroscoséis
ellos/ellas/ustedescosen

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

🔄 Vervoegingen

subjunctive

imperfect

ellos/ellas/ustedescosieran
yocosiera
cosieras
vosotroscosierais
nosotroscosiéramos
él/ella/ustedcosiera

Onvoltooid verleden tijd conjunctief van 'coser' (cosiera/cosiese vormen) gebruikt voor hypothetische situaties in het verleden, wensen of beleefde verzoeken.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

present

ellos/ellas/ustedescosan
yocosa
cosas
vosotroscosáis
nosotroscosamos
él/ella/ustedcosa

Tegenwoordige tijd conjunctief van 'coser' (cosa, cosas, etc.) gebruikt na uitdrukkingen van twijfel, verlangen, emotie en onzekerheid.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperative

negative

no cosas
vosotrosno cosáis
ustedesno cosan
nosotrosno cosamos
ustedno cosa

Ontkennende gebiedende wijs van 'coser': no cosas (jij), no cosa (u), no cosamos (wij), no cosáis (jullie), no cosan (zij/u allen).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

affirmative

cose
vosotroscosed
ustedescosan
nosotroscosamos
ustedcosa

Gebiedende wijs van 'coser': cose (jij), cosa (u), cosamos (wij), cosed (jullie), cosan (zij/u allen).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

indicative

conditional

ellos/ellas/ustedescoserían
yocosería
coserías
vosotroscoseríais
nosotroscoseríamos
él/ella/ustedcosería

Voorwaardelijke wijs van 'coser': cosería, coserías, cosería, etc., voor 'zou'-acties, beleefde verzoeken of toekomst in het verleden.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

preterite

ellos/ellas/ustedescosieron
yocosí
cosiste
vosotroscosisteis
nosotroscosimos
él/ella/ustedcosió

De voltooid verleden tijd van 'coser' is regelmatig: cosí, cosiste, cosió, cosimos, cosisteis, cosieron.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperfect

ellos/ellas/ustedescosían
yocosía
cosías
vosotroscosíais
nosotroscosíamos
él/ella/ustedcosía

Onvoltooid verleden tijd van 'coser': cosía, cosías, cosía, cosíamos, cosíais, cosían, voor doorlopende of gebruikelijke acties in het verleden.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

present

ellos/ellas/ustedescosen
yocoso
coses
vosotroscoséis
nosotroscosemos
él/ella/ustedcose

Tegenwoordige tijd van 'coser': coso, coses, cose, cosemos, coséis, cosen, gebruikt voor actuele acties, gewoontes en algemene waarheden.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

future

ellos/ellas/ustedescoserán
yocoseré
coserás
vosotroscoseréis
nosotroscoseremos
él/ella/ustedcoserá

Toekomende tijd van 'coser': coseré, coserás, coserá, etc., voor acties die zullen gebeuren.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Oefeningen laden...

Breng coser van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'coser' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.