datarVervoeging
datar betekent dateren.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De aanvoegende wijs onvoltooid verleden tijd van 'datar' (datara/datase) wordt gebruikt voor hypothetische situaties of wensen in het verleden.
Present Subjunctive
De aanvoegende wijs tegenwoordige tijd van 'datar' (date, dates, datemos, datéis, daten) wordt gebruikt voor wensen, twijfels en aanbevelingen.
Imperative
Negative Imperative
Gebruik 'no dates', 'no date', 'no datéis', 'no datemos', 'no daten' voor ontkennende bevelen met 'datar'.
Imperative
Gebruik 'data', 'date', 'dad', 'datemos', 'daten' voor directe bevelen met 'datar'.
Indicative
Conditional
De conditionele wijs van 'datar' (dataría, datarías, dataría, dataríamos, dataríais, datarían) drukt 'zou' acties uit.
Preterite
De voltooid verleden tijd van 'datar' is regelmatig: daté, dataste, dató, datamos, datasteis, dataron.
Imperfect
De onvoltooid verleden tijd van 'datar' (databa, databas, databa, datábamos, databais, databan) beschrijft voortdurende of gebruikelijke verleden acties.
Present
De onvoltooid tegenwoordige tijd van 'datar' (dato, datas, data, datamos, datáis, datan) is voor actuele of gebruikelijke acties.
Future
De toekomende tijd van 'datar' (dataré, datarás, datará, dataremos, dataréis, datarán) geeft acties aan die zullen gebeuren.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng datar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'datar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent datar in het Spaans?
datar betekent "dateren".
Is datar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
datar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je datar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van datar is: yo dato, tú datas, él/ella/usted data, nosotros datamos, vosotros datáis, ellos/ellas/ustedes datan.
Hoe vervoeg je datar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van datar is: yo daté, tú dataste, él/ella/usted dató, nosotros datamos, vosotros datasteis, ellos/ellas/ustedes dataron.
