derretirVervoeging
derretir means smelten.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De verleden tijd van de aanvoegende wijs gebruikt de 'derriti-' stam voor alle vormen (derritiera, derritieras...).
Present Subjunctive
De tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs van 'derretir' heeft een stamverandering (e naar i) in ALLE vormen, inclusief nosotros en vosotros.
Imperative
Negative Imperative
De negatieve gebiedende wijs van 'derretir' gebruikt de vormen van de aanvoegende wijs tegenwoordige tijd met 'no'.
Imperative
De gebiedende wijs gebruikt 'derrite' (tú) en 'derritan' (ustedes) om commando's te geven.
Indicative
Conditional
De voorwaardelijke wijs van 'derretir' is regelmatig: derretiría, derretirías, derretiría, derretiríamos, derretiríais, derretirían.
Preterite
In de verleden tijd heeft 'derretir' alleen een stamverandering (e naar i) in de derde persoon vormen (él/ellos).
Imperfect
De verleden tijd van 'derretir' is volledig regelmatig: derretía, derretías, derretía, derretíamos, derretíais, derretían.
Present
De tegenwoordige tijd van 'derretir' heeft een stamverandering (e naar i) voor alle vormen behalve nosotros en vosotros.
Future
De toekomstige tijd van 'derretir' is regelmatig: voeg gewoon de uitgangen toe aan het hele werkwoord (derretiré, derretirás...).
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng derretir van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'derretir' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent derretir in het Spaans?
derretir betekent "smelten".
Is derretir een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
derretir is een irregular -ir werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je derretir in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van derretir is: yo derrito, tú derrites, él/ella/usted derrite, nosotros derretimos, vosotros derretís, ellos/ellas/ustedes derriten.
Hoe vervoeg je derretir in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van derretir is: yo derretí, tú derretiste, él/ella/usted derritió, nosotros derretimos, vosotros derretisteis, ellos/ellas/ustedes derritieron.
