desgastarVervoeging
desgastar betekent slijten.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
Gebruik desgastara/desgastarais/desgastaramos/desgastaran voor hypothetische situaties uit het verleden of wensen. Regelmatig werkwoord!
Present Subjunctive
Gebruik desgasten, desgastes, desgastemos voor wensen, twijfels, emoties en onzekerheid. Regelmatig werkwoord!
Imperative
Negative Imperative
Gebruik no + tegenwoordige aanvoegende wijs (no desgastes, no desgaste, etc.) voor negatieve bevelen. Regelmatig werkwoord!
Imperative
Gebruik desgasta, desgaste, desgastemos, desgasten, desgastad voor directe bevelen. Het is regelmatig!
Indicative
Conditional
De conditionele vorm van desgastar is regelmatig: desgastaría, desgastarías, desgastaría, desgastaríamos, desgastaríais, desgastarían.
Preterite
De preteritum van desgastar is regelmatig: desgasté, desgastaste, desgastó, desgastamos, desgastasteis, desgastaron.
Imperfect
De imperfectum van desgastar is regelmatig: desgastaba, desgastabas, desgastaba, desgastábamos, desgastabais, desgastaban.
Present
De tegenwoordige tijd van desgastar is regelmatig: desgasto, desgastas, desgasta, desgastamos, desgastáis, desgastan.
Future
De toekomende tijd van desgastar is regelmatig: desgastaré, desgastarás, desgastará, desgastaremos, desgastaréis, desgastarán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng desgastar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'desgastar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent desgastar in het Spaans?
desgastar betekent "slijten".
Is desgastar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
desgastar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je desgastar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van desgastar is: yo desgasto, tú desgastas, él/ella/usted desgasta, nosotros desgastamos, vosotros desgastáis, ellos/ellas/ustedes desgastan.
Hoe vervoeg je desgastar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van desgastar is: yo desgasté, tú desgastaste, él/ella/usted desgastó, nosotros desgastamos, vosotros desgastasteis, ellos/ellas/ustedes desgastaron.
