discurrirVervoeging
discurrir means stromen.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
Verleden conjunctief-vormen zoals 'discurriera' (ik/hij/zij/jij) en 'discurrieran' (zij/jullie) voor discurrir.
Present Subjunctive
Tegenwoordige conjunctief-vormen zoals 'discurra' (ik/hij/zij/jij) en 'discurran' (zij/jullie) voor discurrir.
Imperative
Negative Imperative
Negatieve commando's zoals 'no discurras' (jij niet) en 'no discurran' (zij/jullie niet) voor discurrir.
Imperative
Kommando's zoals 'discurre' (jij) en 'discurran' (zij/jullie) voor discurrir.
Indicative
Conditional
Hypothetische handelingen zoals 'discurriría' (ik/hij/zij/jij) en 'discurrirían' (zij/jullie) voor discurrir.
Preterite
Voltooide handelingen in het verleden zoals 'discurrí' (ik) en 'discurrieron' (zij/jullie) voor discurrir.
Imperfect
Voortdurende of gebruikelijke handelingen in het verleden zoals 'discurría' (ik/hij/zij/jij) en 'discurrían' (zij/jullie) voor discurrir.
Present
Tegenwoordige handelingen zoals 'discurro' (ik) en 'discurren' (zij/jullie) voor discurrir.
Future
Toekomstige handelingen zoals 'discurriré' (ik) en 'discurrirán' (zij/jullie) voor discurrir.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng discurrir van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'discurrir' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent discurrir in het Spaans?
discurrir betekent "stromen".
Is discurrir een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
discurrir is een regular -ir werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je discurrir in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van discurrir is: yo discurro, tú discurres, él/ella/usted discurre, nosotros discurrimos, vosotros discurrís, ellos/ellas/ustedes discurren.
Hoe vervoeg je discurrir in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van discurrir is: yo discurrí, tú discurriste, él/ella/usted discurrió, nosotros discurrimos, vosotros discurristeis, ellos/ellas/ustedes discurrieron.
