Inklingo
Twee atleten die racen naar een gouden trofee op een voetstuk.

disputar

strijden om

Volledige vervoegingstabellen en interactieve oefeningen. Dit is een regular -ar werkwoord.

Het Spaanse werkwoord disputar betekent strijden om.

Tegenwoordige tijd:

yodisputo
disputas
él/ella/usteddisputa
nosotrosdisputamos
vosotrosdisputáis
ellos/ellas/ustedesdisputan

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

🔄 Vervoegingen

subjunctive

imperfect

ellos/ellas/ustedesdisputaran
yodisputara
disputaras
vosotrosdisputarais
nosotrosdisputáramos
él/ella/usteddisputara

Gebruik van de verleden tijd conjunctivo zoals 'si disputara' (als ik zou strijden) of 'para que disputaran' (zodat zij zouden strijden).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

present

ellos/ellas/ustedesdisputen
yodispute
disputes
vosotrosdisputéis
nosotrosdisputemos
él/ella/usteddispute

Gebruikt na wensen, twijfels, emoties: 'Espero que disputemos' (ik hoop dat we strijden), 'Dudo que disputen' (ik betwijfel dat zij strijden).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperative

negative

no disputes
vosotrosno disputéis
ustedesno disputen
nosotrosno disputemos
ustedno dispute

Negatieve commando's zoals 'No disputes!' (jij), 'No dispute!' (hij/zij/u), 'No disputemos!' (wij), 'No disputéis!' (jullie, Spanje), 'No disputen!' (u allen).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

affirmative

disputa
vosotrosdisputad
ustedesdisputen
nosotrosdisputemos
usteddispute

Kommando's zoals 'Disputa!' (jij), 'Dispute!' (hij/zij/u), 'Disputemos!' (wij), 'Disputad!' (jullie, Spanje), 'Disputen!' (u allen).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

indicative

conditional

ellos/ellas/ustedesdisputarían
yodisputaría
disputarías
vosotrosdisputaríais
nosotrosdisputaríamos
él/ella/usteddisputaría

Hypothetische 'zou'-acties: 'Disputaría' (ik zou strijden), 'Disputarían' (zij zouden strijden).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

preterite

ellos/ellas/ustedesdisputaron
yodisputé
disputaste
vosotrosdisputasteis
nosotrosdisputamos
él/ella/usteddisputó

Voltooide acties uit het verleden: 'Disputé' (ik streed), 'Disputó' (hij/zij/u streed), 'Disputaron' (zij streden).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperfect

ellos/ellas/ustedesdisputaban
yodisputaba
disputabas
vosotrosdisputabais
nosotrosdisputábamos
él/ella/usteddisputaba

Doorlopende of gebruikelijke acties uit het verleden: 'Disputaba' (ik streed vroeger), 'Disputaban' (zij streden vroeger).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

present

ellos/ellas/ustedesdisputan
yodisputo
disputas
vosotrosdisputáis
nosotrosdisputamos
él/ella/usteddisputa

Gebruikelijke acties of dingen die nu gebeuren: 'Yo disputo' (ik strijd), 'Ellos disputan' (zij strijden).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

future

ellos/ellas/ustedesdisputarán
yodisputaré
disputarás
vosotrosdisputaréis
nosotrosdisputaremos
él/ella/usteddisputará

Toekomstige acties: 'Disputaré' (ik zal strijden), 'Disputarán' (zij zullen strijden).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Oefeningen laden...

Breng disputar van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'disputar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.