educarVervoeging
educar means opleiden.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De verleden tijd van de conjunctief van 'educar' wordt regelmatig gevormd uit de voltooid verleden tijd: educara, educaras, educara, educáramos, educarais, educaran.
Present Subjunctive
De tegenwoordige tijd van de conjunctief van 'educar' heeft een spellingverandering van 'c' naar 'qu': eduque, eduques, eduque, eduquemos, eduquéis, eduquen.
Imperative
Negative Imperative
De ontkennende gebiedende wijs van 'educar' gebruikt altijd de 'qu' spellingverandering: no eduques, no eduque, no eduquemos, no eduquéis, no eduquen.
Imperative
De bevestigende gebiedende wijs van 'educar' gebruikt de spellingverandering 'qu' voor formele commando's: educa, eduque, eduquemos, educad, eduquen.
Indicative
Conditional
De voorwaardelijke wijs van 'educar' is regelmatig: educaría, educarías, educaría, educaríamos, educaríais, educarían.
Preterite
De voltooid verleden tijd van 'educar' is regelmatig, behalve de 'yo'-vorm met een spellingverandering: eduqué, educaste, educó, educamos, educasteis, educaron.
Imperfect
De onvoltooide verleden tijd van 'educar' is regelmatig: educaba, educabas, educaba, educábamos, educabais, educaban.
Present
De tegenwoordige tijd van 'educar' is volledig regelmatig: educo, educas, educa, educamos, educáis, educan.
Future
De toekomstige tijd van 'educar' is regelmatig: educaré, educarás, educará, educaremos, educaréis, educarán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng educar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'educar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent educar in het Spaans?
educar betekent "opleiden".
Is educar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
educar is een spelling-change -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je educar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van educar is: yo educo, tú educas, él/ella/usted educa, nosotros educamos, vosotros educáis, ellos/ellas/ustedes educan.
Hoe vervoeg je educar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van educar is: yo eduqué, tú educaste, él/ella/usted educó, nosotros educamos, vosotros educasteis, ellos/ellas/ustedes educaron.
