engancharVervoeging
enganchar betekent haken.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De imperfecte subjunctive vormen zoals 'enganchara' of 'enganchase' drukken hypothetische of verleden wensen/twijfels uit.
Present Subjunctive
Gebruik 'enganche' (ik, hij/zij/u), 'enganchemos' (wij), 'enganchen' (zij/jullie), 'enganches' (jij), 'enganchéis' (jullie) na uitdrukkingen van twijfel, verlangen, emotie.
Imperative
Negative Imperative
Gebruik 'no enganches' (jij), 'no enganche' (u), 'no enganchemos' (wij), 'no enganchen' (jullie/zij), 'no enganchéis' (jullie) voor negatieve bevelen.
Imperative
Gebruik 'engancha' (jij), 'enganche' (u), 'enganchemos' (wij), 'enganchen' (jullie/zij), 'enganchad' (jullie) voor directe bevelen met enganchar.
Indicative
Conditional
De conditionele tijd van enganchar is regelmatig: engancharía, engancharías, engancharía, engancharíamos, engancharíais, engancharían.
Preterite
De preteritum van enganchar is regelmatig: enganché, enganchaste, enganchó, enganchamos, enganchasteis, engancharon.
Imperfect
De imperfectum van enganchar is regelmatig: enganchaba, enganchabas, enganchaba, enganchábamos, enganchabais, enganchaban.
Present
De tegenwoordige tijd van enganchar is regelmatig: engancho, enganchas, engancha, enganchamos, engancháis, enganchan.
Future
De toekomende tijd van enganchar is regelmatig: engancharé, engancharás, enganchará, engancharemos, engancharéis, engancharán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng enganchar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'enganchar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent enganchar in het Spaans?
enganchar betekent "haken".
Is enganchar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
enganchar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je enganchar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van enganchar is: yo engancho, tú enganchas, él/ella/usted engancha, nosotros enganchamos, vosotros engancháis, ellos/ellas/ustedes enganchan.
Hoe vervoeg je enganchar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van enganchar is: yo enganché, tú enganchaste, él/ella/usted enganchó, nosotros enganchamos, vosotros enganchasteis, ellos/ellas/ustedes engancharon.
