esposarVervoeging
esposar means boeien.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De imperfecte conjunctief van esposar (esposara/esposase) wordt gebruikt voor hypothetische situaties of wensen in het verleden.
Present Subjunctive
De tegenwoordige conjunctief van esposar (espose, esposes, esposemos) wordt gebruikt voor wensen, twijfels en emoties.
Imperative
Negative Imperative
Negatieve commando's voor esposar gebruiken de tegenwoordige conjunctief met 'no', zoals 'no esposes' (boeien jij niet).
Imperative
Gebruik de gebiedende wijs van esposar voor directe commando's zoals 'esposa' (jij, informeel) of 'esposen' (jullie).
Indicative
Conditional
De conditionele tijd van esposar (esposaría, esposarías) drukt hypothetische acties uit ('zou boeien').
Preterite
De preteritum van esposar is regelmatig: esposé, esposaste, esposó, esposamos, esposasteis, esposaron.
Imperfect
De imperfectum van esposar (esposaba, esposabas) beschrijft doorlopende acties of beschrijvingen uit het verleden.
Present
De tegenwoordige tijd van esposar (esposo, esposas, esposa) beschrijft acties die nu gebeuren of gebruikelijke acties.
Future
De toekomende tijd van esposar (esposaré, esposarás) geeft acties aan die zullen gebeuren.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng esposar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'esposar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent esposar in het Spaans?
esposar betekent "boeien".
Is esposar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
esposar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je esposar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van esposar is: yo esposo, tú esposas, él/ella/usted esposa, nosotros esposamos, vosotros esposáis, ellos/ellas/ustedes esposan.
Hoe vervoeg je esposar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van esposar is: yo esposé, tú esposaste, él/ella/usted esposó, nosotros esposamos, vosotros esposasteis, ellos/ellas/ustedes esposaron.
