establecerVervoeging
establecer betekent vestigen.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Indicative
Present
Establecer is onregelmatig in de 'yo'-vorm (establezco), maar regelmatig voor alle andere personen.
Future
De toekomende tijd is regelmatig: voeg de uitgangen -é, -ás, -á, -emos, -éis, -án toe aan het infinitief establecer.
Imperfect
De imperfecto van establecer is regelmatig: establecía, establecías, establecía, establecíamos, establecíais, establecían.
Conditional
De conditioneel is regelmatig: voeg -ía, -ías, -ía, -íamos, -íais, -ían toe aan het infinitief establecer.
Preterite
De preterito van establecer is volledig regelmatig: establecí, estableciste, estableció, etc.
Imperative
Negative Imperative
Negatieve bevelen gebruiken altijd de tegenwoordige subjunctief vormen: no establezcas, no establezca, etc.
Imperative
De gebiedende wijs gebruikt 'establece' voor tú en 'establezca' voor formele/meervoudige bevelen.
Subjunctive
Present Subjunctive
De tegenwoordige subjunctief gebruikt de onregelmatige 'establezc-' stam voor alle personen.
Imperfect Subjunctive
Gevormd met de preterito stam: estableciera, establecieras, estableciera, etc.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng establecer van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'establecer' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent establecer in het Spaans?
establecer betekent "vestigen".
Is establecer een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
establecer is een irregular -er werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je establecer in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van establecer is: yo establezco, tú estableces, él/ella/usted establece, nosotros establecemos, vosotros establecéis, ellos/ellas/ustedes establecen.
Hoe vervoeg je establecer in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van establecer is: yo establecí, tú estableciste, él/ella/usted estableció, nosotros establecimos, vosotros establecisteis, ellos/ellas/ustedes establecieron.
