estorbarVervoeging
estorbar means in de weg staan.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
Gebruik estorbara/estorara of estorbarais/estorbarais voor hypothetische situaties of wensen in het verleden.
Present Subjunctive
Gebruik estorbe, estorbemos, estorben na wensen, twijfels of onpersoonlijke uitdrukkingen.
Imperative
Negative Imperative
Gebruik no estorbes, no estorbe, no estorbemos, no estorbéis, no estorben voor negatieve bevelen.
Imperative
Gebruik estorba, estorbe, estorbemos, estorbad, estorben voor directe bevelen.
Indicative
Conditional
Gebruik estorbaría, estorbarías, estorbaría, estorbaríamos, estorbaríais, estorbarían voor hypothetische blokkades.
Preterite
Gebruik estorbé, estorbaste, estorbó, estorbamos, estorbasteis, estorbaron voor voltooide acties van blokkeren.
Imperfect
Gebruik estorbaba, estorbabas, estorbaba, estorbábamos, estorbabais, estorbaban voor doorlopende of gebruikelijke blokkades in het verleden.
Present
Gebruik estorbo, estorbas, estorba, estorbamos, estorbáis, estorban voor huidige of gebruikelijke blokkades.
Future
Gebruik estorbaré, estorbarás, estorbará, estorbaremos, estorbaréis, estorbarán voor toekomstige blokkades.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng estorbar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'estorbar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent estorbar in het Spaans?
estorbar betekent "in de weg staan".
Is estorbar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
estorbar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je estorbar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van estorbar is: yo estorbo, tú estorbas, él/ella/usted estorba, nosotros estorbamos, vosotros estorbáis, ellos/ellas/ustedes estorban.
Hoe vervoeg je estorbar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van estorbar is: yo estorbé, tú estorbaste, él/ella/usted estorbó, nosotros estorbamos, vosotros estorbasteis, ellos/ellas/ustedes estorbaron.
