estrecharVervoeging
estrechar means de hand schudden.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De verleden tijd van de aanvoegende wijs van 'estrechar' (estrechara/estrechase) wordt gebruikt voor hypothetische situaties in het verleden of beleefde verzoeken.
Present Subjunctive
De tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs van 'estrechar' (estreche, estreches, etc.) wordt gebruikt na uitdrukkingen van twijfel, emotie of verlangen.
Imperative
Negative Imperative
Gebruik 'no' + tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs voor ontkennende bevelen: ¡no estreches!, ¡no estrechemos!, ¡no estrechen!, ¡no estrechéis!
Imperative
Gebruik de gebiedende wijs van 'estrechar' voor directe bevelen: ¡estrecha!, ¡estrechemos!, ¡estrechen!, ¡estrechad!
Indicative
Conditional
De conditionele tijd van 'estrechar' is regelmatig: estrecharía, estrecharías, estrecharía, estrecharíamos, estrecharíais, estrecharían.
Preterite
De voltooid verleden tijd van 'estrechar' is regelmatig: estreché, estrechaste, estrechó, estrechamos, estrechasteis, estrecharon.
Imperfect
De imperfectum van 'estrechar' is regelmatig: estrechaba, estrechabas, estrechaba, estrechábamos, estrechabais, estrechaban.
Present
De tegenwoordige tijd van 'estrechar' is regelmatig: estrecho, estrechas, estrecha, estrechamos, estrecháis, estrechan.
Future
De toekomende tijd van 'estrechar' is regelmatig: estrecharé, estrecharás, estrechará, estrecharemos, estrecharéis, estrecharán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng estrechar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'estrechar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent estrechar in het Spaans?
estrechar betekent "de hand schudden".
Is estrechar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
estrechar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je estrechar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van estrechar is: yo estrecho, tú estrechas, él/ella/usted estrecha, nosotros estrechamos, vosotros estrecháis, ellos/ellas/ustedes estrechan.
Hoe vervoeg je estrechar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van estrechar is: yo estreché, tú estrechaste, él/ella/usted estrechó, nosotros estrechamos, vosotros estrechasteis, ellos/ellas/ustedes estrecharon.
