evocarVervoeging
evocar means oproepen.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De verleden tijd van de aanvoegende wijs van evocar is regelmatig: evocara, evocaras, evocara, evocáramos, evocarais, evocaran.
Present Subjunctive
De tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs van evocar vereist een spellingwijziging van 'c' naar 'qu' in alle vormen (evoque, evoques, etc.).
Imperative
Negative Imperative
De ontkennende gebiedende wijs van evocar gebruikt altijd de spellingwijziging 'qu' (no evoques, no evoque, etc.).
Imperative
De gebiedende wijs van evocar gebruikt de 'c' naar 'qu' wijziging voor formele en meervoudige commando's (evoque, evoquen).
Indicative
Conditional
De voorwaardelijke wijs van evocar is regelmatig: evocaría, evocarías, evocaría, evocaríamos, evocaríais, evocarían.
Preterite
De onvoltooid verleden tijd van evocar heeft een spellingwijziging in de eerste persoon (yo evoqué), maar is verder regelmatig.
Imperfect
De onvoltooid verleden tijd van evocar is regelmatig: evocaba, evocabas, evocaba, evocábamos, evocabais, evocaban.
Present
De tegenwoordige tijd van evocar is volledig regelmatig: evoco, evocas, evoca, evocamos, evocáis, evocan.
Future
De toekomende tijd van evocar is regelmatig: evocaré, evocarás, evocará, evocaremos, evocaréis, evocarán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng evocar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'evocar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent evocar in het Spaans?
evocar betekent "oproepen".
Is evocar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
evocar is een regular with spelling change -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je evocar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van evocar is: yo evoco, tú evocas, él/ella/usted evoca, nosotros evocamos, vosotros evocáis, ellos/ellas/ustedes evocan.
Hoe vervoeg je evocar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van evocar is: yo evoqué, tú evocaste, él/ella/usted evocó, nosotros evocamos, vosotros evocasteis, ellos/ellas/ustedes evocaron.
