examinarVervoeging
examinar betekent onderzoeken.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De verleden verleden tijd van de aanvoegende wijs van 'examinar' (examinara, examinases, etc.) wordt gebruikt voor hypothetische situaties of wensen uit het verleden.
Present Subjunctive
De tegenwoordige aanvoegende wijs van 'examinar' (examine, examines, examinezamos, etc.) drukt wensen, twijfels of onzekerheid uit.
Imperative
Negative Imperative
Negatieve commando's voor 'examinar' gebruiken de tegenwoordige aanvoegende wijs: 'no examines' (jij), 'no examine' (u).
Imperative
Het gebiedende wijs van 'examinar' heeft regelmatige commando's zoals 'examina' (jij) en 'examine' (u).
Indicative
Conditional
De voorwaardelijke wijs van 'examinar' is regelmatig: 'examinaría', 'examinarías', 'examinaría', 'examinaríamos', 'examinaríais', 'examinarían'.
Preterite
De voltooid verleden tijd van 'examinar' is regelmatig: 'examiné', 'examinaste', 'examinó', 'examinamos', 'examinasteis', 'examinaron'.
Imperfect
De verleden tijd van 'examinar' is regelmatig: 'examinaba', 'examinabas', 'examinaba', 'examinábamos', 'examinabais', 'examinaban'.
Present
De tegenwoordige tijd van 'examinar' is regelmatig: 'examino', 'examinas', 'examina', 'examinamos', 'examináis', 'examinan'.
Future
De toekomende tijd van 'examinar' is regelmatig: 'examinaré', 'examinarás', 'examinará', 'examinaremos', 'examinaréis', 'examinarán'.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng examinar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'examinar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent examinar in het Spaans?
examinar betekent "onderzoeken".
Is examinar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
examinar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je examinar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van examinar is: yo examino, tú examinas, él/ella/usted examina, nosotros examinamos, vosotros examináis, ellos/ellas/ustedes examinan.
Hoe vervoeg je examinar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van examinar is: yo examiné, tú examinaste, él/ella/usted examinó, nosotros examinamos, vosotros examinasteis, ellos/ellas/ustedes examinaron.
