Inklingo
Een zacht stromende blauwe rivier die soepel door een groene weide slingert.

fluir

stromen

Volledige vervoegingstabellen en interactieve oefeningen. Dit is een irregular (spelling change) -ir werkwoord.

Het Spaanse werkwoord fluir betekent stromen.

Tegenwoordige tijd:

yofluyo
fluyes
él/ella/ustedfluye
nosotrosfluimos
vosotrosfluís
ellos/ellas/ustedesfluyen

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

🔄 Vervoegingen

subjunctive

imperfect

ellos/ellas/ustedesfluyeran
yofluyera
fluyeras
vosotrosfluyerais
nosotrosfluyéramos
él/ella/ustedfluyera

De verleden tijd van de conjunctief gebruikt de 'fluy'-stam: fluyera, fluyeras, fluyera, fluyéramos, fluyerais, fluyeran.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

present

ellos/ellas/ustedesfluyan
yofluya
fluyas
vosotrosfluyáis
nosotrosfluyamos
él/ella/ustedfluya

De tegenwoordige tijd van de conjunctief van fluir heeft een 'y'-spelling: fluya, fluyas, fluya, fluyamos, fluyáis, fluyan.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperative

negative

no fluyas
vosotrosno fluyáis
ustedesno fluyan
nosotrosno fluyamos
ustedno fluya

Negatieve commando's gebruiken de vormen van de tegenwoordige tijd van de conjunctief: no fluyas, no fluya, no fluyamos, no fluyáis, no fluyan.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

affirmative

fluye
vosotrosfluid
ustedesfluyan
nosotrosfluyamos
ustedfluya

De gebiedende wijs gebruikt 'y' in de meeste vormen: fluye (tú), fluya (usted), fluyamos (nosotros), fluid (vosotros), fluyan (ustedes).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

indicative

conditional

ellos/ellas/ustedesfluirían
yofluiría
fluirías
vosotrosfluiríais
nosotrosfluiríamos
él/ella/ustedfluiría

De conditionele tijd is regelmatig voor fluir: fluiría, fluirías, fluiría, fluiríamos, fluiríais, fluirían.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

preterite

ellos/ellas/ustedesfluyeron
yofluí
fluiste
vosotrosfluisteis
nosotrosfluimos
él/ella/ustedfluyó

In de pretérito verandert fluir de 'i' in een 'y' in de derde persoon: fluí, fluiste, fluyó, fluimos, fluisteis, fluyeron.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperfect

ellos/ellas/ustedesfluían
yofluía
fluías
vosotrosfluíais
nosotrosfluíamos
él/ella/ustedfluía

De verleden tijd van fluir is regelmatig: fluía, fluías, fluía, fluíamos, fluíais, fluían.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

present

ellos/ellas/ustedesfluyen
yofluyo
fluyes
vosotrosfluís
nosotrosfluimos
él/ella/ustedfluye

De tegenwoordige tijd voegt een 'y' toe aan de meeste vormen: fluyo, fluyes, fluye, fluimos, fluís, fluyen.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

future

ellos/ellas/ustedesfluirán
yofluiré
fluirás
vosotrosfluiréis
nosotrosfluiremos
él/ella/ustedfluirá

De toekomende tijd is regelmatig voor fluir: fluiré, fluirás, fluirá, fluiremos, fluiréis, fluirán.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Oefeningen laden...

Breng fluir van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'fluir' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.