fracturarVervoeging
fracturar means een bot breken.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
Gebruik de imperfecte conjunctief zoals 'fracturara' (ik/hij/zij/u) voor hypothetische situaties in het verleden of beleefde verzoeken.
Present Subjunctive
Gebruik de tegenwoordige conjunctief zoals 'fracture' (ik/hij/zij/u) na uitdrukkingen van twijfel, emotie of verlangen.
Imperative
Negative Imperative
Gebruik negatieve bevelen zoals 'no fractures' (jij) en 'no fracturen' (jullie/u), die gebaseerd zijn op de tegenwoordige conjunctief.
Imperative
Gebruik gebiedende wijs vormen zoals 'fractura' (jij) en 'fracturen' (jullie/u) voor directe bevelen.
Indicative
Conditional
Gebruik de conditionele wijs zoals 'fracturaría' (ik/hij/zij/u) voor hypothetische 'zou'-situaties of beleefde verzoeken.
Preterite
Gebruik de preteritum zoals 'fracturé' (ik) en 'fracturó' (hij/zij/u) voor voltooide handelingen in het verleden.
Imperfect
Gebruik de imperfectum zoals 'fracturaba' (ik/hij/zij/u) voor doorlopende handelingen in het verleden of beschrijvingen.
Present
Gebruik de tegenwoordige tijd zoals 'fracturo' (ik) en 'fractura' (hij/zij/u) voor handelingen die nu gebeuren of gebruikelijke handelingen.
Future
Gebruik de toekomende tijd zoals 'fracturaré' (ik) en 'fracturará' (hij/zij/u) voor handelingen die zullen plaatsvinden.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng fracturar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'fracturar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent fracturar in het Spaans?
fracturar betekent "een bot breken".
Is fracturar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
fracturar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je fracturar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van fracturar is: yo fracturo, tú fracturas, él/ella/usted fractura, nosotros fracturamos, vosotros fracturáis, ellos/ellas/ustedes fracturan.
Hoe vervoeg je fracturar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van fracturar is: yo fracturé, tú fracturaste, él/ella/usted fracturó, nosotros fracturamos, vosotros fracturasteis, ellos/ellas/ustedes fracturaron.
