fundarVervoeging
fundar means stichten.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De verleden tijd van de aanvoegende wijs van fundar (fundara/fundase) wordt gebruikt voor hypothetische situaties of wensen in het verleden.
Present Subjunctive
De tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs van fundar (funde, fundes, fundemos, funden, fundéis) wordt gebruikt na uitdrukkingen van twijfel, verlangen of emotie.
Imperative
Negative Imperative
Negatieve bevelen voor fundar gebruiken de tegenwoordige aanvoegende wijs: no fundes (jij), no funde (u), no fundemos (wij), no funden (jullie/u), no fundéis (jullie).
Imperative
Gebiedende wijs voor fundar: funda (jij), funde (u), fundemos (wij), funden (jullie/u), fundad (jullie).
Indicative
Conditional
De voorwaardelijke wijs van fundar: fundaría, fundarías, fundaría, fundaríamos, fundaríais, fundarían.
Preterite
De voltooid verleden tijd van fundar is regelmatig: fundé, fundaste, fundó, fundamos, fundasteis, fundaron.
Imperfect
De onvoltooid verleden tijd van fundar: fundaba, fundabas, fundaba, fundábamos, fundabais, fundaban.
Present
De tegenwoordige tijd van fundar: fundo, fundas, funda, fundamos, fundáis, fundan.
Future
De toekomende tijd van fundar: fundaré, fundarás, fundará, fundaremos, fundaréis, fundarán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng fundar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'fundar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent fundar in het Spaans?
fundar betekent "stichten".
Is fundar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
fundar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je fundar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van fundar is: yo fundo, tú fundas, él/ella/usted funda, nosotros fundamos, vosotros fundáis, ellos/ellas/ustedes fundan.
Hoe vervoeg je fundar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van fundar is: yo fundé, tú fundaste, él/ella/usted fundó, nosotros fundamos, vosotros fundasteis, ellos/ellas/ustedes fundaron.
