golpearVervoeging
golpear betekent slaan.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Indicative
Present
De tegenwoordige tijd van golpear is regelmatig: golpeo, golpeas, golpea, golpeamos, golpeáis, golpean.
Future
De toekomende tijd van golpear is regelmatig: golpearé, golpearás, golpeará, golpearemos, golpearéis, golpearán.
Imperfect
Het imperfectum van golpear is regelmatig: golpeaba, golpeabas, golpeaba, golpeábamos, golpeabais, golpeaban.
Conditional
De conditionele wijs van golpear is regelmatig: golpearía, golpearías, golpearía, golpearíamos, golpearíais, golpearían.
Preterite
Het preteritum van golpear is regelmatig: golpeé, golpeaste, golpeó, golpeamos, golpeasteis, golpearon.
Imperative
Negative Imperative
Het negatieve gebiedende wijs van golpear gebruikt conjunctief vormen: no golpees, no golpee, no golpeemos, no golpeéis, no golpeen.
Imperative
Het affirmatieve gebiedende wijs van golpear is: golpea (tú), golpee (usted), golpead (vosotros), golpeen (ustedes).
Subjunctive
Present Subjunctive
De tegenwoordige tijd van de conjunctief van golpear is regelmatig: golpee, golpees, golpee, golpeemos, golpeéis, golpeen.
Imperfect Subjunctive
Het imperfectum van de conjunctief van golpear is regelmatig: golpeara, golpearas, golpeara, golpeáramos, golpearais, golpearan.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng golpear van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'golpear' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent golpear in het Spaans?
golpear betekent "slaan".
Is golpear een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
golpear is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je golpear in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van golpear is: yo golpeo, tú golpeas, él/ella/usted golpea, nosotros golpeamos, vosotros golpeáis, ellos/ellas/ustedes golpean.
Hoe vervoeg je golpear in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van golpear is: yo golpeé, tú golpeaste, él/ella/usted golpeó, nosotros golpeamos, vosotros golpeasteis, ellos/ellas/ustedes golpearon.
