Inklingo
Ontdekken:

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

Indicative

Present

yohablo
hablas
él/ella/ustedhabla
nosotroshablamos
vosotroshabláis
ellos/ellas/ustedeshablan

De tegenwoordige tijd van hablar is regelmatig: hablo, hablas, habla, hablamos, habláis, hablan.

Future

yohablaré
hablarás
él/ella/ustedhablará
nosotroshablaremos
vosotroshablaréis
ellos/ellas/ustedeshablarán

De toekomende tijd van hablar wordt gevormd door -é, -ás, -á, -emos, -éis, -án toe te voegen aan het hele werkwoord.

Imperfect

yohablaba
hablabas
él/ella/ustedhablaba
nosotroshablábamos
vosotroshablabais
ellos/ellas/ustedeshablaban

De imperfectum van hablar gebruikt de -aba uitgangen: hablaba, hablabas, hablaba, hablábamos, hablabais, hablaban.

Conditional

yohablaría
hablarías
él/ella/ustedhablaría
nosotroshablaríamos
vosotroshablaríais
ellos/ellas/ustedeshablarían

De conditioneel van hablar is regelmatig: hablaría, hablarías, hablaría, hablaríamos, hablaríais, hablarían.

Preterite

yohablé
hablaste
él/ella/ustedhabló
nosotroshablamos
vosotroshablasteis
ellos/ellas/ustedeshablaron

De verleden tijd (preterite) van hablar is regelmatig: hablé, hablaste, habló, hablamos, hablasteis, hablaron.

Imperative

Negative Imperative

no hables
ustedno hable
nosotrosno hablemos
vosotrosno habléis
ustedesno hablen

Het ontkennende gebiedende wijs van hablar gebruikt de vormen van de tegenwoordige tijd van de conjunctief voorafgegaan door 'no'.

Imperative

habla
ustedhable
nosotroshablemos
vosotroshablad
ustedeshablen

Het bevestigende gebiedende wijs van hablar geeft directe bevelen: habla, hable, hablemos, hablad, hablen.

Subjunctive

Present Subjunctive

yohable
hables
él/ella/ustedhable
nosotroshablemos
vosotroshabléis
ellos/ellas/ustedeshablen

De tegenwoordige tijd van de conjunctief van hablar gebruikt -e uitgangen: hable, hables, hable, hablemos, habléis, hablen.

Imperfect Subjunctive

yohablara
hablaras
él/ella/ustedhablara
nosotroshabláramos
vosotroshablarais
ellos/ellas/ustedeshablaran

De verleden tijd van de conjunctief van hablar wordt opgebouwd uit de stam van 'hablaron': hablara, hablaras, hablara, etc.

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Breng hablar van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'hablar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.

Veelgestelde Vragen

Wat betekent hablar in het Spaans?

hablar betekent "praten".

Is hablar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?

hablar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.

Hoe vervoeg je hablar in de tegenwoordige tijd?

De tegenwoordige tijd van hablar is: yo hablo, tú hablas, él/ella/usted habla, nosotros hablamos, vosotros habláis, ellos/ellas/ustedes hablan.

Hoe vervoeg je hablar in de verleden tijd (preteritum)?

De verleden tijd van hablar is: yo hablé, tú hablaste, él/ella/usted habló, nosotros hablamos, vosotros hablasteis, ellos/ellas/ustedes hablaron.

Gratis afdrukbare referentie

hablar vervoegingsspiekbrief

hablar vervoegingsspiekbriefje — tegenwoordige tijd, verleden tijd, onvoltooid verleden tijd, toekomende tijd en voorwaardelijke wijs