iluminarVervoeging
iluminar means verlichten.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De verleden tijd van de aanvoegende wijs van 'iluminar' (iluminara/iluminase) drukt hypothetische of onzekere handelingen uit het verleden uit.
Present Subjunctive
De tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs van 'iluminar' (ilumine, ilumines, etc.) wordt gebruikt voor wensen, twijfels, emoties en onzekerheid.
Imperative
Negative Imperative
Vorm negatieve bevelen voor 'iluminar' met 'no' + aanvoegende wijs tegenwoordige tijd: no ilumines, no ilumine, no iluminemos, no iluminéis, no iluminen.
Imperative
Gebruik de gebiedende wijs van 'iluminar' voor directe bevelen: ¡ilumina!, ¡ilumine!, ¡iluminemos!, ¡iluminad!, ¡iluminen!.
Indicative
Conditional
De voorwaardelijke wijs van 'iluminar' (iluminaría, iluminarías, etc.) drukt hypothetische uitkomsten of beleefde verzoeken uit.
Preterite
De voltooid verleden tijd (preteritum) van 'iluminar' is regelmatig: iluminé, iluminaste, iluminó, iluminamos, iluminasteis, iluminaron.
Imperfect
De verleden tijd aanvoegende wijs (imperfectum) van 'iluminar' (iluminaba, iluminabas, etc.) beschrijft doorlopende of gebruikelijke handelingen in het verleden.
Present
De tegenwoordige tijd van 'iluminar' (ilumino, iluminas, etc.) beschrijft handelingen die nu gebeuren of gebruikelijke gebeurtenissen.
Future
De toekomende tijd van 'iluminar' (iluminaré, iluminarás, etc.) geeft handelingen aan die zullen plaatsvinden.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng iluminar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'iluminar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent iluminar in het Spaans?
iluminar betekent "verlichten".
Is iluminar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
iluminar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je iluminar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van iluminar is: yo ilumino, tú iluminas, él/ella/usted ilumina, nosotros iluminamos, vosotros ilumináis, ellos/ellas/ustedes iluminan.
Hoe vervoeg je iluminar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van iluminar is: yo iluminé, tú iluminaste, él/ella/usted iluminó, nosotros iluminamos, vosotros iluminasteis, ellos/ellas/ustedes iluminaron.
