Inklingo
Spaanse werkwoordvervoeging

incriminarVervoeging

incriminar betekent iemand beschuldigen van een misdaad.

regular-ar9 tijden52 vormen
Ontdekken:

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

Subjunctive

Imperfect Subjunctive

yoincriminara
incriminaras
él/ella/ustedincriminara
nosotrosincrimináramos
vosotrosincriminarais
ellos/ellas/ustedesincriminaran

De verleden tijd van de aanvoegende wijs van incriminar (zowel -ra als -se vormen) beschrijft hypothetische situaties of wensen uit het verleden, zoals 'incriminara' of 'incriminase'.

Present Subjunctive

yoincrimine
incrimines
él/ella/ustedincrimine
nosotrosincriminemos
vosotrosincriminéis
ellos/ellas/ustedesincriminen

De tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs van incriminar wordt gebruikt na uitdrukkingen van twijfel, verlangen, emotie of onzekerheid: incrimine, incriminemos, incriminen.

Imperative

Negative Imperative

no incrimines
ustedno incrimine
nosotrosno incriminemos
vosotrosno incriminéis
ustedesno incriminen

Het ontkennende gebiedende wijs van incriminar gebruikt de tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs: no incrimine (u), no incriminemos (wij), no incriminen (jullie), no incrimines (jij), no incriminéis (jullie/informeel).

Imperative

incrimina
ustedincrimine
nosotrosincriminemos
vosotrosincriminad
ustedesincriminen

Het gebiedende wijs van incriminar is: incrimina (jij), incrimine (u), incriminemos (wij), incriminen (jullie), incrimina(d) (jullie/informeel).

Indicative

Conditional

yoincriminaría
incriminarías
él/ella/ustedincriminaría
nosotrosincriminaríamos
vosotrosincriminaríais
ellos/ellas/ustedesincriminarían

De conditionele wijs van incriminar is regelmatig: incriminaría, incriminarías, incriminaría, incriminaríamos, incriminaríais, incriminarían.

Preterite

yoincriminé
incriminaste
él/ella/ustedincriminó
nosotrosincriminamos
vosotrosincriminasteis
ellos/ellas/ustedesincriminaron

De onvoltooid verleden tijd van incriminar is regelmatig: incriminé, incriminaste, incriminó, incriminamos, incriminasteis, incriminaron.

Imperfect

yoincriminaba
incriminabas
él/ella/ustedincriminaba
nosotrosincriminábamos
vosotrosincriminabais
ellos/ellas/ustedesincriminaban

De onvoltooid verleden tijd van incriminar is regelmatig: incriminaba, incriminabas, incriminaba, incriminábamos, incriminabais, incriminaban.

Present

yoincrimino
incriminas
él/ella/ustedincrimina
nosotrosincriminamos
vosotrosincrimináis
ellos/ellas/ustedesincriminan

De tegenwoordige tijd van incriminar is regelmatig: incrimino, incriminas, incrimina, incriminamos, incrimináis, incriminan.

Future

yoincriminaré
incriminarás
él/ella/ustedincriminará
nosotrosincriminaremos
vosotrosincriminaréis
ellos/ellas/ustedesincriminarán

De toekomende tijd van incriminar is regelmatig: incriminaré, incriminarás, incriminará, incriminaremos, incriminaréis, incriminarán.

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Breng incriminar van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'incriminar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.

Veelgestelde Vragen

Wat betekent incriminar in het Spaans?

incriminar betekent "iemand beschuldigen van een misdaad".

Is incriminar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?

incriminar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.

Hoe vervoeg je incriminar in de tegenwoordige tijd?

De tegenwoordige tijd van incriminar is: yo incrimino, tú incriminas, él/ella/usted incrimina, nosotros incriminamos, vosotros incrimináis, ellos/ellas/ustedes incriminan.

Hoe vervoeg je incriminar in de verleden tijd (preteritum)?

De verleden tijd van incriminar is: yo incriminé, tú incriminaste, él/ella/usted incriminó, nosotros incriminamos, vosotros incriminasteis, ellos/ellas/ustedes incriminaron.

Gratis afdrukbare referentie

incriminar vervoegingsspiekbrief

incriminar vervoegingsspiekbriefje — tegenwoordige tijd, verleden tijd, onvoltooid verleden tijd, toekomende tijd en voorwaardelijke wijs