Inklingo
Een microscopische weergave van kleurrijke groene ziektekiemen nabij een kleine rode snee op de huid van een persoon.

infectar

infecteren

Volledige vervoegingstabellen en interactieve oefeningen. Dit is een regular -ar werkwoord.

Het Spaanse werkwoord infectar betekent infecteren.

Tegenwoordige tijd:

yoinfecto
infectas
él/ella/ustedinfecta
nosotrosinfectamos
vosotrosinfectáis
ellos/ellas/ustedesinfectan

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

🔄 Vervoegingen

subjunctive

imperfect

ellos/ellas/ustedesinfectaran
yoinfectara
infectaras
vosotrosinfectarais
nosotrosinfectáramos
él/ella/ustedinfectara

De imperfecte aanvoegende wijs van infectar (bijv. infectara, infectaras) wordt gebruikt voor hypothetische situaties in het verleden, wensen of twijfels.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

present

ellos/ellas/ustedesinfecten
yoinfecte
infectes
vosotrosinfectéis
nosotrosinfectemos
él/ella/ustedinfecte

De tegenwoordige aanvoegende wijs van infectar (infecte, infectes, infectemos, etc.) volgt uitdrukkingen van twijfel, verlangen, emotie en onpersoonlijke uitspraken.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperative

negative

no infectes
vosotrosno infectéis
ustedesno infecten
nosotrosno infectemos
ustedno infecte

Negatieve commando's gebruiken 'no' plus de tegenwoordige aanvoegende wijs: no infectes (jij), no infecte (u), no infectemos (wij), no infecten (jullie), no infectéis (jullie, informeel).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

affirmative

infecta
vosotrosinfectad
ustedesinfecten
nosotrosinfectemos
ustedinfecte

Het imperatief van infectar is grotendeels regelmatig, met commando's zoals infecta (jij), infecte (u), infectemos (wij), infecten (jullie), en infectad (jullie, informeel).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

indicative

conditional

ellos/ellas/ustedesinfectarían
yoinfectaría
infectarías
vosotrosinfectaríais
nosotrosinfectaríamos
él/ella/ustedinfectaría

De conditionele tijd van infectar is regelmatig: infectaría, infectarías, infectaría, infectaríamos, infectaríais, infectarían.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

preterite

ellos/ellas/ustedesinfectaron
yoinfecté
infectaste
vosotrosinfectasteis
nosotrosinfectamos
él/ella/ustedinfectó

De pretérito van infectar is regelmatig: infecté, infectaste, infectó, infectamos, infectasteis, infectaron.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperfect

ellos/ellas/ustedesinfectaban
yoinfectaba
infectabas
vosotrosinfectabais
nosotrosinfectábamos
él/ella/ustedinfectaba

De imperfectum van infectar is regelmatig: infectaba, infectabas, infectaba, infectábamos, infectabais, infectaban.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

present

ellos/ellas/ustedesinfectan
yoinfecto
infectas
vosotrosinfectáis
nosotrosinfectamos
él/ella/ustedinfecta

De tegenwoordige indicatief van infectar is regelmatig: infecto, infectas, infecta, infectamos, infectáis, infectan.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

future

ellos/ellas/ustedesinfectarán
yoinfectaré
infectarás
vosotrosinfectaréis
nosotrosinfectaremos
él/ella/ustedinfectará

De toekomende tijd van infectar is regelmatig: infectaré, infectarás, infectará, infectaremos, infectaréis, infectarán.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Oefeningen laden...

Breng infectar van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'infectar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.