Inklingo
Een computerscherm met een voortgangsbalk die zich vult naast een klein icoontje van een moersleutel en een tandwiel.

instalar

installeren

Volledige vervoegingstabellen en interactieve oefeningen. Dit is een regular -ar werkwoord.

Het Spaanse werkwoord instalar betekent installeren.

Tegenwoordige tijd:

yoinstalo
instalas
él/ella/ustedinstala
nosotrosinstalamos
vosotrosinstaláis
ellos/ellas/ustedesinstalan

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

🔄 Vervoegingen

subjunctive

imperfect

ellos/ellas/ustedesinstalaran
yoinstalara
instalaras
vosotrosinstalarais
nosotrosinstaláramos
él/ella/ustedinstalara

De verleden tijd van de aanvoegende wijs (imperfect subjunctive) van instalar is regelmatig: instalara/instalase, instalaras/instalases, etc.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

present

ellos/ellas/ustedesinstalen
yoinstale
instales
vosotrosinstaléis
nosotrosinstalemos
él/ella/ustedinstale

De tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs (present subjunctive) van instalar is regelmatig: instale, instales, instalemos, instaléis, instalen.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperative

negative

no instales
vosotrosno instaléis
ustedesno instalen
nosotrosno instalemos
ustedno instale

Het ontkennende gebiedende wijs van instalar gebruikt de tegenwoordige aanvoegende wijs (subjunctief): no instales, no instale, no instalemos, no instaléis, no instalen.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

affirmative

instala
vosotrosinstalad
ustedesinstalen
nosotrosinstalemos
ustedinstale

Het gebiedende wijs van instalar is regelmatig: instala, instale, instalemos, instalad, instalen.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

indicative

conditional

ellos/ellas/ustedesinstalarían
yoinstalaría
instalarías
vosotrosinstalaríais
nosotrosinstalaríamos
él/ella/ustedinstalaría

De conditionele tijd (conditional) van instalar is regelmatig: instalaría, instalarías, instalaría, instalaríamos, instalaríais, instalarían.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

preterite

ellos/ellas/ustedesinstalaron
yoinstalé
instalaste
vosotrosinstalasteis
nosotrosinstalamos
él/ella/ustedinstaló

De voltooid verleden tijd (preterite) van instalar is regelmatig: instalé, instalaste, instaló, instalamos, instalasteis, instalaron.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperfect

ellos/ellas/ustedesinstalaban
yoinstalaba
instalabas
vosotrosinstalabais
nosotrosinstalábamos
él/ella/ustedinstalaba

De verleden tijd (imperfect) van instalar is regelmatig: instalaba, instalabas, instalaba, instalábamos, instalabais, instalaban.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

present

ellos/ellas/ustedesinstalan
yoinstalo
instalas
vosotrosinstaláis
nosotrosinstalamos
él/ella/ustedinstala

De tegenwoordige tijd (present indicative) van instalar is regelmatig: instalo, instalas, instala, instalamos, instaláis, instalan.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

future

ellos/ellas/ustedesinstalarán
yoinstalaré
instalarás
vosotrosinstalaréis
nosotrosinstalaremos
él/ella/ustedinstalará

De toekomende tijd (future) van instalar is regelmatig: instalaré, instalarás, instalará, instalaremos, instalaréis, instalarán.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Oefeningen laden...

Breng instalar van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'instalar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.