Inklingo
Een persoon die met één hand omhoog en de andere hand op een boek staat, wat een plechtige belofte symboliseert.

jurar

zweren

Volledige vervoegingstabellen en interactieve oefeningen. Dit is een regular -ar werkwoord.

Het Spaanse werkwoord jurar betekent zweren.

Tegenwoordige tijd:

yojuro
juras
él/ella/ustedjura
nosotrosjuramos
vosotrosjuráis
ellos/ellas/ustedesjuran

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

🔄 Vervoegingen

subjunctive

present

yojure
nosotrosjuremos
vosotrosjuréis
él/ella/ustedjure
ellos/ellas/ustedesjuren
jures

De tegenwoordige tijd subjunctuiv van 'jurar' gebruikt -e uitgangen: jure, jures, jure, juremos, juréis, juren.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperfect

yojurara
nosotrosjuráramos
vosotrosjurarais
él/ella/ustedjurara
ellos/ellas/ustedesjuraran
juraras

De verleden tijd subjunctuiv van 'jurar' is regelmatig: jurara, juraras, jurara, juráramos, jurarais, juraran.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperative

affirmative

jura
nosotrosjuremos
ustedjure
vosotrosjurad
ustedesjuren

De imperatief van 'jurar' gebruikt 'jura' (jij), 'jurad' (jullie) en subjunctiefvormen voor de rest.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

negative

no jures
nosotrosno juremos
ustedno jure
vosotrosno juréis
ustedesno juren

De negatieve imperatief van 'jurar' gebruikt de tegenwoordige tijd subjunctuiv: no jures, no jure, no juremos, no juréis, no juren.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

indicative

present

yojuro
nosotrosjuramos
vosotrosjuráis
él/ella/ustedjura
ellos/ellas/ustedesjuran
juras

De tegenwoordige tijd van 'jurar' is regelmatig: juro, juras, jura, juramos, juráis, juran.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

preterite

yojuré
nosotrosjuramos
vosotrosjurasteis
él/ella/ustedjuró
ellos/ellas/ustedesjuraron
juraste

De verleden tijd van 'jurar' is regelmatig: juré, juraste, juró, juramos, jurasteis, juraron.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

future

yojuraré
nosotrosjuraremos
vosotrosjuraréis
él/ella/ustedjurará
ellos/ellas/ustedesjurarán
jurarás

De toekomende tijd van 'jurar' voegt uitgangen toe aan het hele werkwoord: juraré, jurarás, jurará, juraremos, juraréis, jurarán.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperfect

yojuraba
nosotrosjurábamos
vosotrosjurabais
él/ella/ustedjuraba
ellos/ellas/ustedesjuraban
jurabas

De onvoltooid verleden tijd van 'jurar' volgt het standaard -aba patroon: juraba, jurabas, juraba, jurábamos, jurabais, juraban.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

conditional

yojuraría
nosotrosjuraríamos
vosotrosjuraríais
él/ella/ustedjuraría
ellos/ellas/ustedesjurarían
jurarías

De conditioneel van 'jurar' is regelmatig: juraría, jurarías, juraría, juraríamos, juraríais, jurarían.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Oefeningen laden...

Breng jurar van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'jurar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.