llevarVervoeging
llevar betekent dragen.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Indicative
Present
De tegenwoordige tijd van llevar is regelmatig: llevo, llevas, lleva, llevamos, lleváis, llevan.
Future
De futuro van llevar gebruikt het hele werkwoord plus uitgangen: llevaré, llevarás, llevará, llevaremos, llevaréis, llevarán.
Imperfect
Llevar is regelmatig in de imperfecto: llevaba, llevabas, llevaba, llevábamos, llevabais, llevaban.
Conditional
De condicional van llevar is regelmatig: llevaría, llevarías, llevaría, llevaríamos, llevaríais, llevarían.
Preterite
Llevar in de preterito is regelmatig: llevé, llevaste, llevó, llevamos, llevasteis, llevaron.
Imperative
Negative Imperative
De negatieve imperativo van llevar gebruikt presente subjuntivo vormen: no lleves, no lleve, no llevemos, no llevéis, no lleven.
Imperative
De imperativo van llevar geeft directe commando's: lleva, lleve, llevemos, llevad, lleven.
Subjunctive
Present Subjunctive
De presente subjuntivo van llevar gebruikt -e uitgangen: lleve, lleves, lleve, llevemos, llevéis, lleven.
Imperfect Subjunctive
De imperfecto subjuntivo van llevar is regelmatig: llevara, llevaras, llevara, lleváramos, llevarais, llevaran.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng llevar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'llevar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent llevar in het Spaans?
llevar betekent "dragen".
Is llevar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
llevar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je llevar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van llevar is: yo llevo, tú llevas, él/ella/usted lleva, nosotros llevamos, vosotros lleváis, ellos/ellas/ustedes llevan.
Hoe vervoeg je llevar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van llevar is: yo llevé, tú llevaste, él/ella/usted llevó, nosotros llevamos, vosotros llevasteis, ellos/ellas/ustedes llevaron.
