mojarVervoeging
mojar betekent nat maken.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De verleden onvoltooide tijd van de aanvoegende wijs van 'mojar' (mojara/mojase, mojáramos/mojásemos) wordt gebruikt voor hypothetische situaties uit het verleden, wensen of beleefde verzoeken.
Present Subjunctive
De tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs van 'mojar' (moje, mojes, mojemos, mojéis, mojen) wordt gebruikt na uitdrukkingen van twijfel, verlangen, emotie en onzekerheid.
Imperative
Negative Imperative
Negatieve commando's voor 'mojar' gebruiken de tegenwoordige aanvoegende wijs: no mojes, no moje, no mojemos, no mojéis, no mojen.
Imperative
De gebiedende wijs van 'mojar' is grotendeels regelmatig, behalve 'vosotros' wat 'mojad' is.
Indicative
Conditional
De voorwaardelijke wijs van 'mojar' is regelmatig: mojaría, mojarías, mojaría, mojaríamos, mojaríais, mojarían.
Preterite
De voltooid verleden tijd van 'mojar' is regelmatig: mojé, mojaste, mojó, mojamos, mojasteis, mojaron.
Imperfect
De onvoltooide verleden tijd van 'mojar' is regelmatig: mojaba, mojabas, mojaba, mojábamos, mojabais, mojaban.
Present
'Mojar' is regelmatig in de tegenwoordige tijd: mojo, mojas, moja, mojamos, mojáis, mojan.
Future
De toekomende tijd van 'mojar' is regelmatig: mojaré, mojarás, mojará, mojaremos, mojaréis, mojarán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng mojar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'mojar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent mojar in het Spaans?
mojar betekent "nat maken".
Is mojar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
mojar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je mojar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van mojar is: yo mojo, tú mojas, él/ella/usted moja, nosotros mojamos, vosotros mojáis, ellos/ellas/ustedes mojan.
Hoe vervoeg je mojar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van mojar is: yo mojé, tú mojaste, él/ella/usted mojó, nosotros mojamos, vosotros mojasteis, ellos/ellas/ustedes mojaron.
