moverVervoeging
mover betekent verplaatsen.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Indicative
Present
Mover is een stamveranderend werkwoord (o > ue) in alle vormen behalve nosotros en vosotros.
Future
De toekomende tijd van mover is regelmatig: moveré, moverás, moverá, moveremos, moveréis, moverán.
Imperfect
De imperfectum van mover is regelmatig: movía, movías, movía, movíamos, movíais, movían.
Conditional
De conditionele van mover is regelmatig: movería, moverías, movería, moveríamos, moveríais, moverían.
Preterite
De preterite van mover is regelmatig: moví, moviste, movió, movimos, movisteis, movieron.
Imperative
Negative Imperative
De negatieve gebiedende wijs gebruikt de vormen van de tegenwoordige subjunctief: no muevas, no mueva, no movamos, no mováis, no muevan.
Imperative
De gebiedende wijs gebruikt de stamverandering voor de meeste vormen: mueve (tú), mueva (usted), muevan (ustedes).
Subjunctive
Present Subjunctive
De tegenwoordige subjunctief volgt de o > ue stamverandering: mueva, muevas, mueva, movamos, mováis, muevan.
Imperfect Subjunctive
De imperfecte subjunctief is gebouwd vanuit de preterite stam: moviera, movieras, moviera, moviéramos, movierais, movieran.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng mover van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'mover' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent mover in het Spaans?
mover betekent "verplaatsen".
Is mover een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
mover is een irregular (stem-changing: o > ue) -er werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je mover in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van mover is: yo muevo, tú mueves, él/ella/usted mueve, nosotros movemos, vosotros movéis, ellos/ellas/ustedes mueven.
Hoe vervoeg je mover in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van mover is: yo moví, tú moviste, él/ella/usted movió, nosotros movimos, vosotros movisteis, ellos/ellas/ustedes movieron.
