ofrecerVervoeging
ofrecer betekent aanbieden.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Indicative
Present
Ofrecer is onregelmatig in de 'yo'-vorm (ofrezco), maar regelmatig voor alle andere personen.
Future
De toekomende tijd van ofrecer is regelmatig: ofreceré, ofrecerás, ofrecerá, ofreceremos, ofreceréis, ofrecerán.
Imperfect
Ofrecer is regelmatig in de imperfectum: ofrecía, ofrecías, ofrecía, ofrecíamos, ofrecíais, ofrecían.
Conditional
De conditioneel van ofrecer is regelmatig: ofrecería, ofrecerías, ofrecería, ofreceríamos, ofreceríais, ofrecerían.
Preterite
Ofrecer is regelmatig in de preterite: ofrecí, ofreciste, ofreció, ofrecimos, ofrecisteis, ofrecieron.
Imperative
Negative Imperative
De negatieve gebiedende wijs gebruikt altijd de vormen van de aanvoegende wijs tegenwoordige tijd: no ofrezcas, no ofrezca, no ofrezcamos, no ofrezcáis, no ofrezcan.
Imperative
De gebiedende wijs voor ofrecer gebruikt 'ofrece' (tú) en 'ofrezca' (usted/ustedes).
Subjunctive
Present Subjunctive
De aanvoegende wijs tegenwoordige tijd van ofrecer gebruikt de 'ofrezc'-stam: ofrezca, ofrezcas, ofrezca, ofrezcamos, ofrezcáis, ofrezcan.
Imperfect Subjunctive
De aanvoegende wijs verleden tijd van ofrecer gebruikt de 'ofrecie'-stam: ofreciera, ofrecieras, ofreciera, ofreciéramos, ofrecierais, ofrecieran.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng ofrecer van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'ofrecer' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent ofrecer in het Spaans?
ofrecer betekent "aanbieden".
Is ofrecer een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
ofrecer is een irregular (c > zc in some forms) -er werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je ofrecer in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van ofrecer is: yo ofrezco, tú ofreces, él/ella/usted ofrece, nosotros ofrecemos, vosotros ofrecéis, ellos/ellas/ustedes ofrecen.
Hoe vervoeg je ofrecer in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van ofrecer is: yo ofrecí, tú ofreciste, él/ella/usted ofreció, nosotros ofrecimos, vosotros ofrecisteis, ellos/ellas/ustedes ofrecieron.
