permitirVervoeging
permitir betekent toestaan.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Indicative
Present
Permitir is een regelmatig -ir werkwoord in de tegenwoordige tijd: permito, permites, permite, permitimos, permitís, permiten.
Future
De toekomende tijd van permitir gebruikt het hele werkwoord als basis: permitiré, permitirás, permitirá, permitiremos, permitiréis, permitirán.
Imperfect
De imperfectum van permitir volgt de reguliere -ir patronen: permitía, permitías, permitía, permitíamos, permitíais, permitían.
Conditional
De conditionele van permitir is regelmatig: permitiría, permitirías, permitiría, permitiríamos, permitiríais, permitirían.
Preterite
De verleden tijd van permitir is regelmatig: permití, permitiste, permitió, permitimos, permitisteis, permitieron.
Imperative
Negative Imperative
De ontkennende gebiedende wijs van permitir gebruikt de vormen van de aanvoegende wijs tegenwoordige tijd: no permitas, no permita, no permitamos, no permitáis, no permitan.
Imperative
De bevestigende gebiedende wijs van permitir is: permite (tú), permita (usted), permitamos (nosotros), permitid (vosotros), permitan (ustedes).
Subjunctive
Present Subjunctive
De aanvoegende wijs tegenwoordige tijd van permitir gebruikt -a uitgangen: permita, permitas, permita, permitamos, permitáis, permitan.
Imperfect Subjunctive
De aanvoegende wijs imperfectum van permitir gebruikt de stam van de verleden tijd: permitiera, permitieras, permitiera, permitiéramos, permitierais, permitieran.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng permitir van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'permitir' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent permitir in het Spaans?
permitir betekent "toestaan".
Is permitir een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
permitir is een regular -ir werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je permitir in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van permitir is: yo permito, tú permites, él/ella/usted permite, nosotros permitimos, vosotros permitís, ellos/ellas/ustedes permiten.
Hoe vervoeg je permitir in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van permitir is: yo permití, tú permitiste, él/ella/usted permitió, nosotros permitimos, vosotros permitisteis, ellos/ellas/ustedes permitieron.
