pescarVervoeging
pescar betekent vissen.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Indicative
Present
De tegenwoordige tijd van 'pescar' is volledig regelmatig: pesco, pescas, pesca, pescamos, pescáis, pescan.
Future
De toekomende tijd is regelmatig en wordt gevormd door uitgangen toe te voegen aan het infinitief: pescaré, pescarás, pescará...
Imperfect
Het imperfectum van 'pescar' gebruikt de standaard -aba uitgangen: pescaba, pescabas, pescaba...
Conditional
Het conditioneel voegt -ía uitgangen toe aan het infinitief: pescaría, pescarías, pescaría...
Preterite
Het preteritum van 'pescar' heeft een spellingwijziging in de 'yo'-vorm ('pesqué') om de 'k'-klank te behouden.
Imperative
Negative Imperative
Negatieve commando's gebruiken 'no' plus de subjunctief: no pesques, no pesque, no pesquemos.
Imperative
Geef bevelen om te vissen: pesca (tú), pesque (usted), pesquemos (nosotros).
Subjunctive
Present Subjunctive
De tegenwoordige subjunctief gebruikt de 'qu' spellingwijziging in alle vormen: pesque, pesques, pesque...
Imperfect Subjunctive
De imperfecte subjunctief is regelmatig gebaseerd op het 'ellos' preteritum: pescara, pescaras, pescara...
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng pescar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'pescar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent pescar in het Spaans?
pescar betekent "vissen".
Is pescar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
pescar is een regular (with spelling change in certain tenses) -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je pescar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van pescar is: yo pesco, tú pescas, él/ella/usted pesca, nosotros pescamos, vosotros pescáis, ellos/ellas/ustedes pescan.
Hoe vervoeg je pescar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van pescar is: yo pesqué, tú pescaste, él/ella/usted pescó, nosotros pescamos, vosotros pescasteis, ellos/ellas/ustedes pescaron.
