Inklingo
Ontdekken:

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

Subjunctive

Imperfect Subjunctive

yopretendiera
pretendieras
él/ella/ustedpretendiera
nosotrospretendiéramos
vosotrospretendierais
ellos/ellas/ustedespretendieran

De imperfecte subjunctive van pretender heeft twee vormen voor elke voornaamwoord: pretendiera/pretendiese, pretendieras/pretendieses, etc.

Present Subjunctive

yopretenda
pretendas
él/ella/ustedpretenda
nosotrospretendamos
vosotrospretendáis
ellos/ellas/ustedespretendan

De tegenwoordige subjunctive van pretender is: pretenda (ik/hij/zij/u), pretendamos (wij), pretendáis (jullie), pretendan (zij/u allen).

Imperative

Negative Imperative

no pretendas
ustedno pretenda
nosotrosno pretendamos
vosotrosno pretendáis
ustedesno pretendan

Negatieve bevelen voor pretender gebruiken de tegenwoordige subjunctive: no pretendas (jij), no pretenda (u), no pretendamos (wij), no pretendáis (jullie), no pretendan (zij/u allen).

Imperative

pretende
ustedpretenda
nosotrospretendamos
vosotrospretended
ustedespretendan

Imperatief vormen van pretender zijn: pretende (jij), pretenda (u), pretendamos (wij), pretended (jullie), pretendan (zij/u allen).

Indicative

Conditional

yopretendería
pretenderías
él/ella/ustedpretendería
nosotrospretenderíamos
vosotrospretenderíais
ellos/ellas/ustedespretenderían

De conditionele van pretender is: pretendería, pretenderías, pretendería, pretenderíamos, pretenderíais, pretenderían.

Preterite

yopretendí
pretendiste
él/ella/ustedpretendió
nosotrospretendimos
vosotrospretendisteis
ellos/ellas/ustedespretendieron

De preterite van pretender is regelmatig: pretendí, pretendiste, pretendió, pretendimos, pretendisteis, pretendieron.

Imperfect

yopretendía
pretendías
él/ella/ustedpretendía
nosotrospretendíamos
vosotrospretendíais
ellos/ellas/ustedespretendían

De imperfectum van pretender is: pretendía, pretendías, pretendía, pretendíamos, pretendíais, pretendían.

Present

yopretendo
pretendes
él/ella/ustedpretende
nosotrospretendemos
vosotrospretendéis
ellos/ellas/ustedespretenden

De tegenwoordige indicatief van pretender is: pretendo, pretendes, pretende, pretendemos, pretendéis, pretenden.

Future

yopretenderé
pretenderás
él/ella/ustedpretenderá
nosotrospretenderemos
vosotrospretenderéis
ellos/ellas/ustedespretenderán

De toekomende tijd van pretender gebruikt de infinitiefstam: pretenderé, pretenderás, pretenderá, pretenderemos, pretenderéis, pretenderán.

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Oefeningen laden...

Breng pretender van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'pretender' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.

Veelgestelde Vragen

Wat betekent pretender in het Spaans?

pretender betekent "beogen".

Is pretender een regelmatig of onregelmatig werkwoord?

pretender is een regular -er werkwoord in het Spaans.

Hoe vervoeg je pretender in de tegenwoordige tijd?

De tegenwoordige tijd van pretender is: yo pretendo, tú pretendes, él/ella/usted pretende, nosotros pretendemos, vosotros pretendéis, ellos/ellas/ustedes pretenden.

Hoe vervoeg je pretender in de verleden tijd (preteritum)?

De verleden tijd van pretender is: yo pretendí, tú pretendiste, él/ella/usted pretendió, nosotros pretendimos, vosotros pretendisteis, ellos/ellas/ustedes pretendieron.

Gratis afdrukbare referentie

pretender vervoegingsspiekbrief

pretender vervoegingsspiekbriefje — tegenwoordige tijd, verleden tijd, onvoltooid verleden tijd, toekomende tijd en voorwaardelijke wijs