recobrarVervoeging
recobrar means terugkrijgen.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
Gebruik de imperfecto de subjuntivo ('recobrara', 'recobraras', etc.) voor hypothetische situaties in het verleden, wensen of twijfels.
Present Subjunctive
Gebruik de tegenwoordige aanvoegende wijs ('recobre', 'recobres', etc.) na uitdrukkingen van verlangen, twijfel, emotie of onzekerheid.
Imperative
Negative Imperative
Gebruik 'no recobres', 'no recobre', 'no recobremos', 'no recobréis', 'no recobren' voor negatieve bevelen met 'recobrar'.
Imperative
Gebruik 'recobra', 'recobre', 'recobremos', 'recobrad', 'recobren' voor directe bevelen met 'recobrar'.
Indicative
Conditional
De conditionele tijd van 'recobrar' is regelmatig: recobraría, recobrarías, recobraría, recobraríamos, recobraríais, recobrarían.
Preterite
De pretérito perfecto simple van 'recobrar' is regelmatig: recobré, recobraste, recobró, recobramos, recobrasteis, recobraron.
Imperfect
De imperfectum van 'recobrar' is regelmatig: recobraba, recobrabas, recobraba, recobrábamos, recobrabais, recobraban.
Present
De tegenwoordige tijd van 'recobrar' is regelmatig: recobro, recobras, recobra, recobramos, recobráis, recobran.
Future
De toekomende tijd van 'recobrar' is regelmatig: recobraré, recobrarás, recobrará, recobraremos, recobraréis, recobrarán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng recobrar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'recobrar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent recobrar in het Spaans?
recobrar betekent "terugkrijgen".
Is recobrar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
recobrar is een regular -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je recobrar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van recobrar is: yo recobro, tú recobras, él/ella/usted recobra, nosotros recobramos, vosotros recobráis, ellos/ellas/ustedes recobran.
Hoe vervoeg je recobrar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van recobrar is: yo recobré, tú recobraste, él/ella/usted recobró, nosotros recobramos, vosotros recobrasteis, ellos/ellas/ustedes recobraron.
