resonarVervoeging
resonar means weerkaatsen.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De verleden tijd van de conjunctief is regelmatig en wordt gevormd vanuit de basis van de preteritum: resonara, resonaras, resonara...
Present Subjunctive
De tegenwoordige tijd van de conjunctief volgt de o-ue klinkerwisseling: resuene, resuenes, resuene, resonemos, resonéis, resuenen.
Imperative
Negative Imperative
De negatieve imperatief gebruikt de vormen van de tegenwoordige tijd van de conjunctief: no resuenes, no resuene, no resonemos, no resuenen.
Imperative
De imperatief gebruikt de klinkerwisseling in de meeste vormen: resuena (tú), resuene (usted), resuenen (ustedes).
Indicative
Conditional
De conditioneel is regelmatig: resonaría, resonarías, resonaría, resonaríamos, resonaríais, resonarían.
Preterite
De preteritum van resonar is volledig regelmatig en volgt het standaard -ar patroon.
Imperfect
De imperfectum van resonar is regelmatig: resonaba, resonabas, resonaba, resonábamos, resonabais, resonaban.
Present
In de tegenwoordige tijd volgt resonar een o-ue klinkerwisseling in alle vormen behalve nosotros en vosotros.
Future
De toekomende tijd is volledig regelmatig: resonaré, resonarás, resonará, resonaremos, resonaréis, resonarán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng resonar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'resonar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent resonar in het Spaans?
resonar betekent "weerkaatsen".
Is resonar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
resonar is een irregular (o-ue change) -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je resonar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van resonar is: yo resueno, tú resuenas, él/ella/usted resuena, nosotros resonamos, vosotros resonáis, ellos/ellas/ustedes resuenan.
Hoe vervoeg je resonar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van resonar is: yo resoné, tú resonaste, él/ella/usted resonó, nosotros resonamos, vosotros resonasteis, ellos/ellas/ustedes resonaron.
