Inklingo
Een witte keramische bord dat duidelijk gebarsten en in drie grote stukken op een houten vloer ligt.

romper

breken

Volledige vervoegingstabellen en interactieve oefeningen. Dit is een regular (except for past participle) -er werkwoord.

Het Spaanse werkwoord romper betekent breken.

Tegenwoordige tijd:

yorompo
rompes
él/ella/ustedrompe
nosotrosrompemos
vosotrosrompéis
ellos/ellas/ustedesrompen

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

🔄 Vervoegingen

indicative

present

él/ella/ustedrompe
yorompo
rompes
ellos/ellas/ustedesrompen
nosotrosrompemos
vosotrosrompéis

De tegenwoordige tijd van 'romper' is regelmatig: rompo, rompes, rompe, rompemos, rompéis, rompen.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

future

él/ella/ustedromperá
yoromperé
romperás
ellos/ellas/ustedesromperán
nosotrosromperemos
vosotrosromperéis

De toekomende tijd van 'romper' is regelmatig: romperé, romperás, romperá, romperemos, romperéis, romperán.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperfect

él/ella/ustedrompía
yorompía
rompías
ellos/ellas/ustedesrompían
nosotrosrompíamos
vosotrosrompíais

De imperfectum van 'romper' is regelmatig: rompía, rompías, rompía, rompíamos, rompíais, rompían.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

conditional

él/ella/ustedrompería
yorompería
romperías
ellos/ellas/ustedesromperían
nosotrosromperíamos
vosotrosromperíais

De conditioneel van 'romper' is regelmatig: rompería, romperías, rompería, romperíamos, romperíais, romperían.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

preterite

él/ella/ustedrompió
yorompí
rompiste
ellos/ellas/ustedesrompieron
nosotrosrompimos
vosotrosrompisteis

De verleden tijd van 'romper' is regelmatig: rompí, rompiste, rompió, rompimos, rompisteis, rompieron.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperative

negative

ustedesno rompan
nosotrosno rompamos
no rompas
ustedno rompa
vosotrosno rompáis

De negatieve imperatief van 'romper' gebruikt de tegenwoordige subjunctief: no rompas, no rompa, no rompamos, no rompáis, no rompan.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

affirmative

ustedesrompan
nosotrosrompamos
rompe
ustedrompa
vosotrosromped

De affirmatieve imperatief van 'romper': rompe (tú), rompa (usted), romped (vosotros), rompan (ustedes).

Vormen, voorbeelden & gebruik →

subjunctive

present

él/ella/ustedrompa
yorompa
rompas
ellos/ellas/ustedesrompan
nosotrosrompamos
vosotrosrompáis

De tegenwoordige subjunctief van 'romper' is regelmatig: rompa, rompas, rompa, rompamos, rompáis, rompan.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperfect

él/ella/ustedrompiera
yorompiera
rompieras
ellos/ellas/ustedesrompieran
nosotrosrompiéramos
vosotrosrompierais

De imperfectum subjunctief van 'romper' is regelmatig: rompiera, rompieras, rompiera, rompiéramos, rompierais, rompieran.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Oefeningen laden...

Breng romper van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'romper' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.