soñarVervoeging
soñar means dromen.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Indicative
Present
Soñar is een werkwoord met klinkerwisseling waarbij de 'o' verandert in 'ue' in alle vormen behalve nosotros en vosotros.
Future
De future van soñar is regelmatig: soñaré, soñarás, soñará, soñaremos, soñaréis, soñarán.
Imperfect
De imperfect van soñar is regelmatig: soñaba, soñabas, soñaba, soñábamos, soñabais, soñaban.
Conditional
De conditional van soñar is regelmatig: soñaría, soñarías, soñaría, soñaríamos, soñaríais, soñarían.
Preterite
De preterite van soñar is regelmatig: soñé, soñaste, soñó, soñamos, soñasteis, soñaron.
Imperative
Negative Imperative
De negative imperative gebruikt de present subjunctive vormen: no sueñes, no sueñe, no soñemos, no soñéis, no sueñen.
Imperative
De imperative gebruikt 'sueña' voor tú en 'soñad' voor vosotros.
Subjunctive
Present Subjunctive
In de present subjunctive behoudt soñar zijn 'o naar ue' klinkerwisseling in hetzelfde patroon als de present indicative.
Imperfect Subjunctive
De imperfect subjunctive van soñar is regelmatig: soñara, soñaras, soñara, soñáramos, soñarais, soñaran.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng soñar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'soñar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent soñar in het Spaans?
soñar betekent "dromen".
Is soñar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
soñar is een irregular (stem-changing: o → ue) -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je soñar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van soñar is: yo sueño, tú sueñas, él/ella/usted sueña, nosotros soñamos, vosotros soñáis, ellos/ellas/ustedes sueñan.
Hoe vervoeg je soñar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van soñar is: yo soñé, tú soñaste, él/ella/usted soñó, nosotros soñamos, vosotros soñasteis, ellos/ellas/ustedes soñaron.
