vagarVervoeging
vagar means dwalen.
Volledige vervoegingstabellen
Naslagwerk voor alle tijden en modi
Subjunctive
Imperfect Subjunctive
De verleden tijd van de aanvoegende wijs is regelmatig, gebaseerd op de stam van de preteritum: vagara, vagaras, vagara, vagáramos, vagarais, vagaran.
Present Subjunctive
De tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs van vagar heeft een 'gu'-spelling in alle vormen: vague, vagues, vague, vaguemos, vaguéis, vaguen.
Imperative
Negative Imperative
De negatieve gebiedende wijs gebruikt altijd de vormen van de tegenwoordige tijd van de aanvoegende wijs: no vagues, no vague, no vaguemos, no vaguéis, no vaguen.
Imperative
De gebiedende wijs van vagar gebruikt 'vaga' voor tú en 'vague(n)' voor formele bevelen.
Indicative
Conditional
De conditionele wijs van vagar is regelmatig: vagaría, vagarías, vagaría, vagaríamos, vagaríais, vagarían.
Preterite
De preteritum van vagar is regelmatig, behalve de 'yo'-vorm (vagué), die een 'u' toevoegt om de harde 'g'-klank te behouden.
Imperfect
De imperfectum van vagar is regelmatig: vagaba, vagabas, vagaba, vagábamos, vagabais, vagaban.
Present
Vagar is volledig regelmatig in de tegenwoordige tijd: vago, vagas, vaga, vagamos, vagáis, vagan.
Future
De toekomende tijd van vagar is regelmatig: vagaré, vagarás, vagará, vagaremos, vagaréis, vagarán.
Vervoegingen oefenen
Test je kennis met interactieve oefeningen
Breng vagar van tabellen naar echt Spaans
Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'vagar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.
Veelgestelde Vragen
Wat betekent vagar in het Spaans?
vagar betekent "dwalen".
Is vagar een regelmatig of onregelmatig werkwoord?
vagar is een regular with spelling adjustment -ar werkwoord in het Spaans.
Hoe vervoeg je vagar in de tegenwoordige tijd?
De tegenwoordige tijd van vagar is: yo vago, tú vagas, él/ella/usted vaga, nosotros vagamos, vosotros vagáis, ellos/ellas/ustedes vagan.
Hoe vervoeg je vagar in de verleden tijd (preteritum)?
De verleden tijd van vagar is: yo vagué, tú vagaste, él/ella/usted vagó, nosotros vagamos, vosotros vagasteis, ellos/ellas/ustedes vagaron.
