Inklingo
Een close-up van een hand die wordt ingewikkeld met een schoon wit medisch verband.

vendar

verbinden

Volledige vervoegingstabellen en interactieve oefeningen. Dit is een regular -ar werkwoord.

Het Spaanse werkwoord vendar betekent verbinden.

Tegenwoordige tijd:

yovendo
vendas
él/ella/ustedvenda
nosotrosvendamos
vosotrosvendáis
ellos/ellas/ustedesvendan

Volledige vervoegingstabellen

Naslagwerk voor alle tijden en modi

🔄 Vervoegingen

subjunctive

imperfect

ellos/ellas/ustedesvendaran
yovendara
vendaras
vosotrosvendarais
nosotrosvendáramos
él/ella/ustedvendara

De imperfecte conjunctief van vendar (vendara/vendase) is voor hypothetische situaties en wensen in het verleden.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

present

ellos/ellas/ustedesvenden
yovende
vendes
vosotrosvendéis
nosotrosvendemos
él/ella/ustedvende

Venda, vendas, vendemos, vendáis, vendan zijn de tegenwoordige tijd conjunctief vormen van vendar.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperative

negative

no vendes
vosotrosno vendéis
ustedesno venden
nosotrosno vendemos
ustedno vende

Gebruik geen 'no' met de vendar vormen: no venda, no vendas, no vendemos, no vendáis, no vendan.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

affirmative

venda
vosotrosvendad
ustedesvenden
nosotrosvendemos
ustedvende

Venda, vende, vendamos, vendad, vendan zijn de gebiedende wijs vormen van vendar.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

indicative

conditional

ellos/ellas/ustedesvendarían
yovendaría
vendarías
vosotrosvendaríais
nosotrosvendaríamos
él/ella/ustedvendaría

Vendaría, vendarías, vendaría, vendaríamos, vendaríais, vendarían drukken hypothetische situaties of beleefde verzoeken uit voor het verbinden.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

preterite

ellos/ellas/ustedesvendaron
yovendé
vendaste
vosotrosvendasteis
nosotrosvendamos
él/ella/ustedvendó

Vende, vendaste, vendó, vendamos, vendasteis, vendaron zijn de voltooide handelingen in het verleden voor vendar.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

imperfect

ellos/ellas/ustedesvendaban
yovendaba
vendabas
vosotrosvendabais
nosotrosvendábamos
él/ella/ustedvendaba

Vendaba, vendabas, vendaba, vendábamos, vendabais, vendaban beschrijven voortdurende of gebruikelijke handelingen van verbinden in het verleden.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

present

ellos/ellas/ustedesvendan
yovendo
vendas
vosotrosvendáis
nosotrosvendamos
él/ella/ustedvenda

Vendo, vendas, vende, vendamos, vendáis, venden beschrijven huidige of gebruikelijke handelingen van verbinden.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

future

ellos/ellas/ustedesvendarán
yovendaré
vendarás
vosotrosvendaréis
nosotrosvendaremos
él/ella/ustedvendará

Vendaré, vendarás, vendará, vendaremos, vendaréis, vendarán voorspellen of speculeren over het verbinden.

Vormen, voorbeelden & gebruik →

Vervoegingen oefenen

Test je kennis met interactieve oefeningen

Oefeningen laden...

Breng vendar van tabellen naar echt Spaans

Vervoegingstabellen zijn een begin. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie 'vendar' in actie in echte zinnen — en bouw het taalgevoel op dat moedertaalsprekers hebben.