
rastrear in de Voorwaardelijke wijs – vervoeging
rastrear — volgen, traceren
Conditionele tijd voor rastrear: rastrearía (ik/hij/zij/u), rastrearías (jij), rastrearíamos (wij), rastrearíais (jullie), rastrearían (zij/zij allen/u allen).
rastrear in de Voorwaardelijke wijs – vormen
Wanneer de Voorwaardelijke wijs gebruiken
Gebruik de conditionele tijd voor hypothetische situaties ('zou'), beleefde verzoeken, of om toekomstige acties vanuit een verleden perspectief uit te drukken. Voor 'rastrear' gaat het over wat je zou volgen of wat er gevolgd zou worden.
Opmerkingen over rastrear in de Voorwaardelijke wijs
Rastrear is regelmatig in de conditionele tijd. Het infinitief 'rastrear' wordt als stam gebruikt, en de standaard conditionele uitgangen worden toegevoegd.
Voorbeeldzinnen
Yo rastrearía la señal si tuviera el equipo adecuado.
Ik zou het signaal volgen als ik de juiste apparatuur had.
yo
¿Tú rastrearías la ubicación si te lo pidiera?
Zou je de locatie volgen als ik je dat zou vragen?
tú
Él rastrearía el origen de la llamada anónima.
Hij zou de oorsprong van de anonieme oproep volgen.
él/ella/usted
Nosotros rastrearíamos la ruta más corta.
Wij zouden de kortste route volgen.
nosotros
Veelgemaakte fouten
Fout: De toekomende tijd gebruiken in plaats van de conditionele tijd.
Correct: Voor een hypothetisch 'zou', gebruik 'Yo rastrearía', niet 'Yo rastrearé'.
Waarom: De toekomende tijd spreekt over wat *zal* gebeuren, terwijl de conditionele tijd spreekt over wat *zou* gebeuren onder bepaalde omstandigheden.
Fout: De 'vosotros' conditionele uitgang verwarren.
Correct: De correcte vorm is 'rastrearíais', niet 'rastrearéis'.
Waarom: De '-íais' uitgang is specifiek voor de 'vosotros'-vorm in de conditionele tijd voor alle werkwoorden.
Beheers Spaanse werkwoorden in context
Tabellen uit je hoofd leren brengt je maar zo ver. Lees 200+ geïllustreerde en ingesproken Spaanse verhalen en zie werkwoorden zoals 'rastrear' natuurlijk gebruikt — in de tijden die je aan het leren bent.
Verwante tijden
Tegenwoordige tijd
yo: rastreo
Tegenwoordige tijd voor rastrear: rastreo (ik), rastreas (jij), rastrea (hij/zij/u), rastreamos (wij), rastreáis (jullie), rastrean (zij/zij allen/u allen).
Pretérito indefinido
yo: rastreé
Voltooid verleden tijd voor rastrear: rastreé (ik), rastreaste (jij), rastreó (hij/zij/u), rastreamos (wij), rastreasteis (jullie), rastrearon (zij/zij allen/u allen).
Imperfectum
yo: rastreaba
Onvoltooid verleden tijd voor rastrear: rastreaba (ik/hij/zij/u), rastreabas (jij), rastreábamos (wij), rastreabais (jullie), rastreaban (zij/zij allen/u allen).
Toekomende tijd
yo: rastrearé
Toekomende tijd voor rastrear: rastrearé (ik), rastrearás (jij), rastreará (hij/zij/u), rastrearemos (wij), rastrearéis (jullie), rastrearán (zij/zij allen/u allen).
Aanvoegende wijs tegenwoordige tijd
yo: rastree
Tegenwoordige conjunctief voor rastrear: rastree (ik/hij/zij/u), rastrees (jij), rastreemos (wij), rastreéis (jullie), rastreen (zij/zij allen/u allen).
Aanvoegende wijs imperfectum
yo: rastreara
Verleden conjunctief voor rastrear: rastreara/rastrease (ik/hij/zij/u), rastrearas/rastreases (jij), rastreáramos/rastreásemos (wij), rastrearais/rastraseis (jullie), rastrearan/rastreasen (zij/zij allen/u allen).
Bevestigende gebiedende wijs
yo: rastrea
Geboden met rastrear: rastrea (jij), rastree (u), rastreemos (wij), rastread (jullie), rastreen (zij/u allen).
Ontkennende gebiedende wijs
yo: no rastrees
Negatieve geboden voor rastrear: no rastrees (jij), no rastree (u), no rastreemos (wij), no rastreéis (jullie), no rastreen (zij/u allen).